Blog
May 2019

World Cup Nove Mesto: Hoe dicht liggen winst en verlies bij elkaar?

Het is inmiddels 2 dagen na de World Cup in het Tsjechische Nove Mesto; een hele bijzondere, spannende, leerzame maar uiteindelijk toch teleurstellende wedstrijd. Ik denk dat iedereen die de wedstrijd heeft gezien op Redbull.tv precies weet waar ik het over heb. Voor degenen die niet hebben gekeken schrijf ik deze blog.

Ik was op vrijdag tijdens de short-race (dit is een soort kwalificatie waarin de startvolgorde wordt bepaald) 8e geworden in een eindsprint en mocht dankzij deze plek mooi vanaf de eerste rij starten. Dan ben je niet alleen makkelijker weg als het startschot valt, ook krijg je de volle aandacht van de camera's en het publiek. Een bijkomstigheid die heel erg leuk is in de Tsjechische biatlon arena, waar onze wedstrijd start. Het Tsjechische publiek is namelijk altijd uitzinnig en moedigen je aan alsof je een van hen bent. Al die aandacht is hartstikke mooi maar ik moet er wel een beetje aan wennen. Toch maakte het mij blijkbaar scherp want ik was perfect vertrokken voor deze wedstrijd van 6 ronden over het schitterende parcours met steile venijnige klimmen en vele wortelige afdalingen.

Na de startronde lag ik op de 4e plaats; vlak achter de Australische Rebecca Mcconnell en de Amerikaanse Kate Courtney. De Zwitserse Jolanda Neff fietste vlak voor mij en we besloten kop over kop het gat naar de twee andere dames te verkleinen. Ik voelde me sterk en ik zat meteen de eerste ronde al lekker in mijn ritme. Op deze manier kwamen Jolanda en ik dichter bij en niet veel later wisten wij samen zelfs de leiding in de wedstrijd over te nemen. Jolanda was sterker in het afdalen en ze vloog over de spectaculaire rockgardens waar ik juist iets voorzichtiger was. Maar langzaam was ik daar ook zeker niet want ik kon redelijk bij Jolanda in het wiel blijven. Ik had haar lijnen die ronde een beetje kunnen afkijken en voelde dat ik in de klimmen weer sterker was. Daar maakte ik goed gebruik van en ging eens even flink op mijn pedalen staan om haar voorbij te kunnen steken. Zo gezegd zo gedaan; in mijn hoofd nam ik heel eventjes de tijd om me te beseffen dat ik aan de leiding in een World Cup lag. Toch wilde ik er niet te lang bij stilstaan. Ik wilde geconcentreerd blijven rijden en mijn aandacht vasthouden bij wat ik moest doen. Hard fietsen, een goed ritme draaien op de klimmen en soepel door de bochten gaan zonder dat mijn velg de stenen in de rockgarden raakte. Vanuit deze positie wilde ik solide en veilig kunnen rijden.
Ik werd vooruit geschreeuwd door het publiek en het voelde fantastisch. Ik vloog over het parcours met mijn super American Eagle full suspension fiets.
Jolanda Neff en Rebecca Henderson waren inmiddels vermoeid en verder naar achter gezakt. Kate Courney was echter een gevaar. Ze kwam hard naar voren gereden. Met nog anderhalve ronde te gaan zag ik haar vlak achter mij de klim oprijden. Ik had het gevoel dat ze berg op sneller was dan ik. Toen ik langs start-finish kwam en ik de bel hoorde zag ik echter dat het gat toch weer iets was gegroeid. Ik had nog vijftien seconden marge met één ronde te gaan. Zou ik het gaan halen?
Vlak voor een van de technische secties bergop ging ik ineens twijfelen. In de ronde daarvoor was deze sectie al moeizaam verlopen en ik werd natuurlijk vermoeider en vermoeider. Ik dacht; "Zal ik bijvoorbaat afstappen en deze 20 meter rennend afleggen of zal ik het toch proberen te fietsen?". Het feit dat Kate zo dicht achter me reed spookte door mijn hoofd en ik had de hoop dat als ik er wél fietsend overheen zou komen en zij misschien niet, ik mijn voorsprong weer kon vergroten. Op de macht probeerde ik op de glibberige stenen omhoog te komen. Ik ging langzamer, langzamer en boem…. daar lag ik (hetzij zacht) op mijn rechter kant. Helaas was mijn fiets wel vrij hard gevallen en bovendien op de derailleur terecht gekomen. Kate kwam voorbij gereden en ik stond vervolgens te prutsen om mijn ketting, die tussen de cassette en de spaken was beland, er weer op te krijgen. Het duurde veel te lang en met de adrenaline in mijn lijf kon ik er ook niet rustig even voor gaan zitten. Er waren vijf dames gepasseerd eer ik weer op mijn fiets zat. Helaas was mijn derailleur zo krom dat ik nogmaals met het zelfde probleem te maken kreeg. Gedesillusioneerd kwam ik uiteindelijk als tiende over de finish. Winst had er vandaag misschien wel in gezeten maar het was blijkbaar nog niet mijn moment. Zo zie je maar weer dat je hard kunt trainen, sterker en beter kunt worden maar dat dat nog altijd geen garantie is om te winnen. Bij winnen komt meer kijken dan dat en misschien moet je winnen ook wel een beetje leren. Zeker als je helemaal in een wedstrijd zit en onder druk komt te staan, kan alles zomaar de andere kant op vallen en de winst aan je neus voorbij gaan.
Toch haal ik positieve punten uit deze wedstrijd. Ik heb nog nooit zo geconcentreerd kunnen rijden, zo lang op kop gereden, zo veel aanmoedigingen gehad maar bovenal: Ik heb nog nooit zo veel geleerd in een wedstrijd.

kromme tenen en kramp in de benen. Maar een Olympisch ticket op zak!

Ik open deze post met het meest positieve van dit weekend, een belangrijk nieuwtje en iets waar ik heel erg naar uit kijk: ik heb mijn nominatie voor de Olympische spelen van 2020 in Tokyo binnen!


Een mooie plek op het podium, een bos bloemen en bovenal die Olympische nominatie. Het is een prachtige opsomming maar het is nog niet het hoogste schavot… In de eindafrekening ben ik toch niet 100% tevreden over het afgelopen weekend tijdens de World Cup opener van het seizoen, verreden Albstadt. Ik had uiteraard in mijn kop zitten dat ik mijn prestaties van vorig seizoen minimaal wilde evenaren. Het parcours in Albstadt ligt mij altijd prima, met de 190 af te leggen hoogtemeters per ronde is het fysiek gezien de zwaarste van het seizoen. Technisch is het echter niet helemaal mijn favoriet: de afdalingen zijn snel en de ondergrond lijkt onder je weg te rollen door de toplaag van kiezelstenen. Kortom, de klimmers doen het steevast goed op dit parcours maar … een foutje is zo gemaakt. Je bent hier nooit zeker van je podiumplaats tot je er daadwerkelijk op staat.

Helaas gold dat ook voor mij tijdens de 5 ronden tellende wedstrijd van zondag. Ik begon heerlijk, zat goed in mijn ritme en had ondanks de gladde condities geen foutje gemaakt. De supersterke wereldkampioene Kate Courtney had echter al in de eerste klim een tempo aangeslagen dat geen van de andere rijdsters kon evenaren. Ik moest even op gang komen en lag in de eerste ronde op de derde plaats. Ik voelde echter dat ik meer in me had en dat ik de wedstrijd goed zou kunnen indelen; mijn energie voelde onuitputtelijk. Ik legde al vroeg in de wedstrijd beslag op de 2e plek en zag de regenboogtrui van Kate de hele race voor me. Dat frustreerde me; echt uitlopen deed ze niet maar ze had in de eerste ronde het verschil gemaakt en dat gat kreeg ik maar niet dicht. “De overwinning is teveel gevraagd vandaag”, dacht ik terwijl ik me een slag in de rondte trapte. Ik had echter wel een veilige marge op nummer drie (Jolanda Neff) en zo leek ik die tweede plaats vrij stevig in handen te hebben. Het had mijn beste World Cup uitslag ooit moeten worden maar … zoals ik al zei: je bent pas zeker van je zaak als je daar op het podium staat en weet dat je alles goed hebt gedaan!

Dat laatste was mij helaas niet gegeven, ik heb niet alles goed gedaan. Met nog anderhalve ronde te gaan maakte ik een flinke smakker, landde hard op de houten ondergrond en zo ook mijn fiets. Ik stond wat aangeslagen maar relatief ongedeerd weer op. Mijn fiets kwam er echter minder goed vanaf. Toen ik weer opstapte merkte ik bij de eerste de beste schakelpoging dat er iets niet pluis was. Ik kon niet meer naar de drie lichtste kransjes op mijn cassette schakelen waardoor ik met een tenenkrommende cadans de vele steile klimmen op moest fietsen. Het werd nog spannend! Heel hard ging ik niet meer maar stoppen in de technische post was ook niet echt een optie, dat zou waarschijnlijk te veel tijd kosten. Achter mij kwam de concurrentie steeds dichterbij. Jolanda passeerde me en mijn teamgenote Yana volgde al snel. Ik heb echt getwijfeld of ik zou moeten stoppen, misschien kon mijn mechanieker de derailleur snel ietsjes recht buigen en zou ik geen problemen meer hebben. Aan de andere kant, hoeveel plekken zou ik verliezen met een pitstop? Dat is altijd zo lastig in te schatten als je in de wedstrijd zit. Achteraf ben ik heel erg blij dat ik door ben gefietst. Er stond namelijk niet alleen een World Cup podiumplaats op het spel, deze wedstrijd gold ook als kwalificatiemoment voor de Olympische spelen van 2020. Als ik in deze wedstrijd in de top 6 zou rijden zou ik direct geplaatst zijn. Zowel van de spanning als van de kramp die ik in mijn benen voelde, zat ik met kromme tenen op mijn fiets. Mijn cadans zal op de zwaarste stukken van het parcours niet ver boven de 40 zijn gekomen. Maar: ook met een cadans van 40 kom je vooruit en dat was het enige wat ik wilde. "Naar de finish toe" schreeuwde ik mijzelf toe. Zo wist ik in de laatste klim mijn 4e positie te behouden en kon ik na de wedstrijd opgelucht ademhalen. Het was gewoon gelukt! Ik heb me gekwalificeerd voor de Olympische spelen van 2020!!

Toch stond ik er na afloop van de race enigszins beduusd bij. Ik had zo graag mijn wedstrijd goed willen afmaken en die tweede trede op het podium beklommen. Maar dat is sport, je moet een perfecte race rijden, je kunt jezelf geen foutje permitteren. Juist deze dubbele gevoelens en emoties maken de sport zo mooi. Niettemin werdt er wel een klein feestje gevierd want de Olympische spelen zijn een droom die nu echt uit lijkt te gaan komen.


Podium op je sloffen of op je velg?

Afgelopen weekend stond de laatste wedstrijd vóór de aftrap van het World Cup seizoen op het programma. Van deze wedstrijd, verreden in het Duitse Heubach, weet ik van te voren nooit wat ik kan verwachten. Het parcours kent een lange en zware klim maar de afdaling is daarentegen zo leuk! Het is speels en snel en je moet echt zoeken naar de grip op dit vrijwel altijd modderige parcours. Kortom; een uitdaging. En laat het nu net zo zijn dat een van de beste daalsters van de wereld, Jolanda Neff, dit weekend ook aan de start stond. Zij is zonder enige twijfel een dame die weet hoe ze die fiets moet controleren. Daarbij heeft ze ook nog eens een Downhill liefje en is ze misschien daardoor nóg wel harder gaan dalen dan ze al deed. Zodoende was ik benieuwd of zij vandaag de topfavoriete op dit parcours zou zijn of dat iemand het haar moeilijk zou kunnen maken.

Ik voelde me ook zeker niet slecht en ik zat technisch lekker op de fiets. Vandaar dat ik me had voorgenomen om te kijken of ik Jolanda zou kunnen volgen in het begin van de wedstrijd. Wanneer je afdaalt in haar wiel is spektakel eigenlijk wel gegarandeerd.

Mijn start was goed en meteen na de gevreesde klim reed ik inderdaad achter Jolanda aan de afdaling in. Lang hield ik haar echter niet in het zicht; ik zag binnen een meter of twintig haar blonde krullen het bos in verdwijnen. Zelf was ik absoluut niet als een krant aan het rijden en zette ik alles op alles om het gat niet al te groot te laten worden. Op de klim in de tweede ronde kreeg ik de bevestiging dat dit was gelukt en keek ik Jolanda weer in de rug. Er was nog hoop! Niet veel later bleek dat ik goede benen had en elke ronde voelde ik me steeds meer vast beraden om de leiding in de wedstrijd over te gaan nemen. In de op één na laatste ronde wist ik inderdaad de eerste positie in de wedstrijd te pakken en wonder boven wonder kon ik meteen een klein gaatje slaan. Veel kans om mijn voorsprong uit te bouwen had ik echter niet. In de afdaling sloot Jolanda weer aan en toen….. PANG POEF!!! Ik reed over een scherpe, met modder bedekte rots die ik niet had zien liggen. Mijn beide banden waren in één keer plat en ik kon de overwinning wel op mijn buik schrijven.

Ik kon zodoende zeker niet op mijn sloffen naar het podium fietsen maar moest half steppend half rijdend op mijn velgen de technische post zien te bereiken. Ik zag 3 rijders passeren maar mijn wielen waren snel gewisseld en ik zat weer op mijn fiets. De 3e plaats in de wedstrijd was nog mogelijk. Ik keek mijn landgenote Anne Terpstra in de rug en moest nog even tot het gaatje gaan op die laatste steile klim. Dat was het meer dan waard geweest. Na de wedstrijd kon ik met een goed gevoel het podium op stappen. Het was een spannende wedstrijd en pech hoort er soms bij. Mijn vorm is goed en dat geeft zeer veel vertrouwen in aanloop naar de World Cup. Nu wordt het langzaam aan taperen (lees: met mijn sloffen op de bank, voetjes omhoog en herstellen) om mijn beste vorm te kunnen behalen.