Blog

De gebroken pen

De datum van schrijven van deze blog (een week na de wedstrijd) zegt genoeg. En een gebroken pen is er de schuldige van.

Toch schrijf ik graag alsnog mijn blog, want zonder pen ram ik lekker op mijn toetsenbord, de frustratie van een wedstrijd met gebroken zadelpen eruit. Soms schrijf ik mijn blogs uit enthousiasme en blijdschap na een hele goede race. Soms ben ik niet blij met mijn race en moet ik alles even overdenken. Voordat ik dan kan beginnen aan mijn blog ben ik eigenlijk alweer met mijn volgende doelen bezig. Alles volgt elkaar in een razend tempo op en emoties vliegen daar een beetje tussen door. Zonder dat je daar erg in hebt laat je een pech geval in de wedstrijd achter je en zet je de knop om naar je volgende wedstrijd.

Zo ging het afgelopen week dus ook. Hierbij een kort verslag van een wedstrijd weekend met hoogte- en dieptepunten.
De vrijdag verliep uitstekend met een short race waarin ik in de eindsprint tekort kwam voor een derde plaats maar wel een vierde plek op de startrij had weten te bemachtigen. Het was jammer dat ik net niet op het podium stond maar mijn doel in de short race was behaald; solide rijden en voor een goede startpositie zorgen.

Zo mocht ik zondag weer genieten van de eerste rij met uitzicht recht op de startklim! De start verliep heel goed en ik maakte me niet te druk. Al snel kwamen we met een stuk of acht dames los te zitten van de rest en reden we met dit groepje over het mooie en wortelige parcours. Ik voelde me prima en ik keek met een verheugd gevoel uit naar een wedstrijd waarin we op elkaar konden jagen en een oer spannende race konden gaan rijden. Maar niets bleek minder waar; op het moment dat ik over de bekende rots van Lenzerheide reed en ik weer op mijn zadel wilde gaan zitten hoorde ik een luide 'kraak'. Mijn pen was gebroken en het hele geval was op de grond gevallen. Hopend dat mijn stop in de technische post niet te lang zou gaan duren reed ik, staand op mijn pedalen, richting de mechanieker. Dat het heel snel zou zijn gemaakt was echter valse hoop. De helft van de zadelpen zat vast in het frame en voor ik de technische post verliet had ik ruime twee minuten verloren. Maar, de wedstrijd heb je nooit verloren als je niet probeert er nog alles uit te halen en jezelf tot het uiterste hebt gepusht. Ook dat kan een voldaan gevoel geven. Zo gaf het me toch spirit dat ik heel lekker over de technische passages reed en daarbij mijn inhaal race voortzette. Ik belandde uiteindelijk op de elfde plaats. Daar was ik uiteraard niet voor naar Lenzerheide gekomen en ik kan niet anders zeggen dan dat het brute pech heb gehad. (helaas wel al de zoveelste dit jaar). Maar zelfs uit zo'n race haal ik positive punten.

Zoals ik al vertelde lopen emoties zoals blijdschap, teleurstelling en focus in weken rond wedstrijden door elkaar. De knop is weer im en ik ben inmiddels op hoogte stage in de voorbereiding voor het WK in Canada. Hopelijk kan ik daar pieken, heel hard fietsen en een wedstrijd rijden zonder pech. Daarnaast beloof ik hierbij mijn pen heel te houden tijdens de reis naar Canada zodat ik jullie op de hoogte kan houden via mijn blog.

een 'PIG' smile in Val di Sole

Gelukkig stond ik daar weer! Op het podium van de World Cup in Val di Sole!!

De vorige twee World Cups waren minder goed dan ik van mezelf verlang en ik wilde z
ó graag weer een lekkere swingende, soepele wedstrijd rijden. Een wedstrijd waarin je het speelse van het mountainbiken combineert met tactisch slim en goed rijden. Dat is niet altijd vanzelfsprekend en dat maakt me soms wat nerveus. Maar spanning hoort er nu eenmaal bij. De ene rijder wordt beter van zenuwen de ander blokkeert door zenuwslopende kriebels in de maag.
Ik was voorafgaand aan de wedstrijd wel een tikje nerveus. Maar dat was exact in de mate waar ik me goed bij voel; een gevoel dat je op scherp zet en weg gaat zodra het startschot heeft geklonken.
Bovendien had ik vertrouwen geput uit een goede 'Short race' van vrijdag. Ik kwam op het modderige parcours met een 'PIG' smile over de finish. Grote regendruppels liepen over mijn gezicht en de modder kleefde aan mijn broek en benen; maar ik was blij. Ik voelde me als een klein varkentje dat in de modder had mogen spelen en daarmee een plek op de eerste startrij van zondag had verdiend.



Dit varkentje wilde er in de cross country wedstrijd van zondag iets moois van maken. Maar dan liever met het gewicht van een mug dan van een varken.

Startend vanaf de eerste rij was ik al snel goed gepositioneerd. Ik reed de eerste twee ronden over het (inmiddels weer opgedroogde) parcours met de Australische- en de Amerikaanse kampioenen: Rebecca Henderson en Chloe Woodruff. We streden om de vierde plaats in de wedstrijd. V
óór ons zagen we Pauline Ferrand Prevot, Jolanda Neff en Jenny Rissveds als stipjes aan de horizon verdwijnen. Zij waren te snel vandaag.

Ik deed mijn uiterste best maar de eerste paar rondjes liepen nog niet zo soepel als ik had gehoopt. Ik reed stabiel, veilig en maakte geen fouten maar het perfecte ritme vond ik pas ietsjes later. Zo wist ik uiteindelijk mijn Amerikaanse en Australische rivalen van me af te schudden. Denkend dat ik op dat moment op de vierde plaats in handen had, kwam wam mijn teamgenote Yana het me moeilijk maken. Als Yana eenmaal de flow te pakken heeft dan gaat ze heel heel hard en is ze niet te stoppen. Ze viel aan op het meest steile stuk van het parcours en ik probeerde met haar mee te gaan. Helaas kon ik haar wiel niet houden en voelde ik me in vergelijking met haar bergop wel een beetje een varkentje. Yana is echt een ster als het om klimmen gaat. Ik had achter mij wel een flink gat met de nummer zes en was zodoende verzekerd van een plekje op het ereschavot. Ik juichte toen ik over de finish kwam. Ook al had ik Yana niet kunnen volgen en had ik graag voor de vierde plaats gevochten. Ik had een een nette race gereden met een heel mooi eindresultaat.

Genietend van de champagne douche op het podium wist ik dat ik treedjes omhoog wilde klimmen. Ik keek rechts naast me en dacht; daar gaan we voor. Up up up!
Ik kijk met veel vertrouwen uit naar de volgende wedstrijd die volgende week plaats zal vinden in het Zwitserse Lenzerheide!

Miss Lucky!!

Ik heb altijd geluk, althans, dat is mijn mening. Gisteren kon ik mijn geluk in ieder geval niet op toen ik na het rijden van het Nederlands Kampioenschap werd gehuldigd op het podium en een rood-wit-blauwe trui om mijn schouders gehangen kreeg. 

Het weekend vóór het NK was er zeker geen juichende, stralende en spetterende Anne te zien toen ik mijn slechtste resultaat ooit behaalde tijdens de World Cup in Les Gets, teleurstellend genoeg om daarvan geen uitgebreid verslag op mijn website te publiceren. Ik moest het doen met een 25e plek en dat was zeker niet waarvoor ik gekomen was. Ik was gevallen vlak na de start en had niet de benen om terug naar voren te rijden en me te mengen in het gevecht met de koplopers.
Redbull.tv heeft mij tot “Miss Unlucky” gedoopt maar heeft verzuimd mij te vragen of ik het daar wel mee eens ben. Ik heb dit seizoen al veel geleerd en weet dat er zonder tegenslagen geen geluksgevoelens kunnen zijn. Elke sporter weet dat en velen hebben dat ook al zelf ervaren.

Tijdens het NK heb ik in ieder geval even korte metten gemaakt met tegenslag en wist ik de overwinning naar mij toe te trekken. Ik stond met geconcentreerde blik aan de startlijn van het mooie en uitdagende parcours in het Limburgse Sittard. Ditmaal zaten er serieuze klimmetjes in het Nederlands Kampioenschapsparcours! En klimmetjes betekenen tevens: afdalingen! Klimmen en dalen is vergelijkbaar met het eten van groentjes en desserts. Kortom; ik had een hoop desserts vandaag en ik genoot van de leuke technische afdalingen. Zo genoot ook het publiek. Ik werd hard aangemoedigd door fans, vrienden en teamgenoten. Dat gaf me een boost in zelfvertrouwen en ik dacht: "Ik ga het nu eens een potje afmaken!" Zo wist ik een gat te slaan met mijn twee voornaamste opponenten in de wedstrijd. Sophie von Berswordt en Annemarie Worst hadden in het begin van de wedstrijd het tempo bepaald en dat tempo lag hoog. Op het moment dat ik zag dat ik een gaatje had, besloot ik even fors door te trekken om de voorsprong uit te bouwen. In een mountainbike wedstrijd weet je het tenslotte nooit zeker; er kan altijd iets gebeuren en daarom kan je voorsprong eigenlijk nooit groot genoeg zijn. Bovendien voelde het lekker om door te rammen en in mijn wedstrijdritme te blijven. De laatste ronde kon ik stiekem wel erg genieten van mijn leidende positie in de wedstrijd. Toen ik met een wheely de finishlijn doorkruiste, kon ik eindelijk mijn feestje vieren. Ik wil iedereen heel erg bedanken voor de leuke reacties en de enthousiaste aanmoedigingen tijdens de race. Deze geluksvogel heeft ervan genoten en zal voor altijd een geluksvogel blijven, in goede én in minder goede tijden!

Tweeduizend meter dichter bij de hemel.

De derde World Cup van het seizoen is alweer achter de rug en ik zit een dag later op de luchthaven van Barcelona nog stof op te hoesten, terugkijkend op een zware maar uiteindelijk degelijke wedstrijd. Ik reed zeker niet de sterren van de hemel op het hoog gelegen parcours in Andorra. Het parcours lag toch minstens tweeduizend meter dichter bij de hemel dan de parcoursen in Nederland. Maar dat wil nog niet zeggen dat ik een engeltje op mijn schouder had.

Echter had een andere Nederlandse Anne gisteren wel de perfecte dag! Anne Terpstra won als eerste Nederlandse dame een mountainbike World Cup. Een extra ster voor het Nederlandse mountainbiken. Het was ondanks mijn wat minder goede wedstrijd dus toch een Nederlands feestje.

Hierbij een korte samenvatting van mijn wedstrijdweekend. De vrijdag is steevast de dag van de shorttrack. Dit is een wedstrijd van twintig minuten op een kort parcours met, in dit geval, veel draaien en keren en smalle paadjes. Eigenlijk was dit wel een leuk shorttrack parcours maar ik kwam er vrijdag niet goed uit de voeten. Het was ongelofelijk stoffig en krapjes. Een groep van veertig dames, die allemaal vooraan wilde rijden, hoopte zich op tijdens deze race. Wanneer je eenmaal naar achteren in de groep zakte, kwam je niet eenvoudig weer naar voren. Dat gebeurde mij en zodoende reed ik één van mijn lastigste wedstrijden. Ik kreeg geen lucht door een combinatie van de hoogte en het vele stof en ik kreeg het gevoel dat ik een maanlanding had gemaakt. Alles liep vertraagd en ik vroeg me af of er überhaupt zuurstof was in Andorra. Met gierende hartkleppen kwam ik uiteindelijk als 14e over de meet. Voor het klassement was de schade beperkt gebleven maar hoe zou de schade zijn in mijn lichaam? Ik had het gevoel dat al mijn longen waren ontploft.

De Cross Country wedstrijd van zondag ging gelukkig een stukje beter. Ik startte van de - in de shorttrack behaalde - veertiende plek op de startgrit. Mijn start was uitstekend en ik fietste de eerste twee ronden met de kopgroep van ongeveer tien rijdsters mee. Ik voelde dat het allemaal niet vanzelf ging maar ik denk dat elke rijdster de hoogte wel heeft opgemerkt. Toch moest ik in de derde ronde lossen en zag ik de groep voor me metertje voor metertje bij me weg fietsen. Ondertussen kwam een aantal dames langszij zetten. Anne Terpstra, Daniela Campuzano en Yana Belomoina hadden een beter ritme te pakken en wisten de stijle klimmen makkelijker te bedwingen dan ik. Ik probeerde telkens te volgen in de hoop dat ik mee zou kunnen liften op hun raketvermogen. Helaas had ik vandaag simpelweg niet de beschikking over dat vermogen en voelde ik mijn limiet. Zou ik op die limiet blijven hangen dan kon ik de wedstrijd wel in de top tien afmaken. Zou ik er overheen gaan, dan zou ik even lekker hard kunnen maar ik kan je garanderen dat ik dan was ingestort en je zou moeten scrollen om me in de uitslag terug te vinden. Dat gevoel was erg frustrerend maar het is inherent aan wedstrijden op hoogte: soms lukt het en soms lukt het niet.

Omdat een aantal rijdsters vóór me wel over hun limiet was gegaan, kwam ik toch als zevende rijdster met een glimlach over de finish. Ik had niet mijn beste dag en dan kan ik met deze uitslag eigenlijk niet meer dan content zijn. Ik had ook vele goede punten uit de wedstrijd gehaald. Ik had geen fouten gemaakt en voelde dat ik eigenlijk wel in vorm was. Volgende keer komt het er misschien wel weer uit. En die volgende keer komt al snel! Komend weekend staat alweer de vierde World Cup van het seizoen op het programma.

Laten we hopen dat de engeltjes mij op duizend meter hoogte in het Franse Les Gets wél zullen vinden.

World Cup Nove Mesto: Hoe dicht liggen winst en verlies bij elkaar?

Het is inmiddels 2 dagen na de World Cup in het Tsjechische Nove Mesto; een hele bijzondere, spannende, leerzame maar uiteindelijk toch teleurstellende wedstrijd. Ik denk dat iedereen die de wedstrijd heeft gezien op Redbull.tv precies weet waar ik het over heb. Voor degenen die niet hebben gekeken schrijf ik deze blog.

Ik was op vrijdag tijdens de short-race (dit is een soort kwalificatie waarin de startvolgorde wordt bepaald) 8e geworden in een eindsprint en mocht dankzij deze plek mooi vanaf de eerste rij starten. Dan ben je niet alleen makkelijker weg als het startschot valt, ook krijg je de volle aandacht van de camera's en het publiek. Een bijkomstigheid die heel erg leuk is in de Tsjechische biatlon arena, waar onze wedstrijd start. Het Tsjechische publiek is namelijk altijd uitzinnig en moedigen je aan alsof je een van hen bent. Al die aandacht is hartstikke mooi maar ik moet er wel een beetje aan wennen. Toch maakte het mij blijkbaar scherp want ik was perfect vertrokken voor deze wedstrijd van 6 ronden over het schitterende parcours met steile venijnige klimmen en vele wortelige afdalingen.

Na de startronde lag ik op de 4e plaats; vlak achter de Australische Rebecca Mcconnell en de Amerikaanse Kate Courtney. De Zwitserse Jolanda Neff fietste vlak voor mij en we besloten kop over kop het gat naar de twee andere dames te verkleinen. Ik voelde me sterk en ik zat meteen de eerste ronde al lekker in mijn ritme. Op deze manier kwamen Jolanda en ik dichter bij en niet veel later wisten wij samen zelfs de leiding in de wedstrijd over te nemen. Jolanda was sterker in het afdalen en ze vloog over de spectaculaire rockgardens waar ik juist iets voorzichtiger was. Maar langzaam was ik daar ook zeker niet want ik kon redelijk bij Jolanda in het wiel blijven. Ik had haar lijnen die ronde een beetje kunnen afkijken en voelde dat ik in de klimmen weer sterker was. Daar maakte ik goed gebruik van en ging eens even flink op mijn pedalen staan om haar voorbij te kunnen steken. Zo gezegd zo gedaan; in mijn hoofd nam ik heel eventjes de tijd om me te beseffen dat ik aan de leiding in een World Cup lag. Toch wilde ik er niet te lang bij stilstaan. Ik wilde geconcentreerd blijven rijden en mijn aandacht vasthouden bij wat ik moest doen. Hard fietsen, een goed ritme draaien op de klimmen en soepel door de bochten gaan zonder dat mijn velg de stenen in de rockgarden raakte. Vanuit deze positie wilde ik solide en veilig kunnen rijden.
Ik werd vooruit geschreeuwd door het publiek en het voelde fantastisch. Ik vloog over het parcours met mijn super American Eagle full suspension fiets.
Jolanda Neff en Rebecca Henderson waren inmiddels vermoeid en verder naar achter gezakt. Kate Courney was echter een gevaar. Ze kwam hard naar voren gereden. Met nog anderhalve ronde te gaan zag ik haar vlak achter mij de klim oprijden. Ik had het gevoel dat ze berg op sneller was dan ik. Toen ik langs start-finish kwam en ik de bel hoorde zag ik echter dat het gat toch weer iets was gegroeid. Ik had nog vijftien seconden marge met één ronde te gaan. Zou ik het gaan halen?
Vlak voor een van de technische secties bergop ging ik ineens twijfelen. In de ronde daarvoor was deze sectie al moeizaam verlopen en ik werd natuurlijk vermoeider en vermoeider. Ik dacht; "Zal ik bijvoorbaat afstappen en deze 20 meter rennend afleggen of zal ik het toch proberen te fietsen?". Het feit dat Kate zo dicht achter me reed spookte door mijn hoofd en ik had de hoop dat als ik er wél fietsend overheen zou komen en zij misschien niet, ik mijn voorsprong weer kon vergroten. Op de macht probeerde ik op de glibberige stenen omhoog te komen. Ik ging langzamer, langzamer en boem…. daar lag ik (hetzij zacht) op mijn rechter kant. Helaas was mijn fiets wel vrij hard gevallen en bovendien op de derailleur terecht gekomen. Kate kwam voorbij gereden en ik stond vervolgens te prutsen om mijn ketting, die tussen de cassette en de spaken was beland, er weer op te krijgen. Het duurde veel te lang en met de adrenaline in mijn lijf kon ik er ook niet rustig even voor gaan zitten. Er waren vijf dames gepasseerd eer ik weer op mijn fiets zat. Helaas was mijn derailleur zo krom dat ik nogmaals met het zelfde probleem te maken kreeg. Gedesillusioneerd kwam ik uiteindelijk als tiende over de finish. Winst had er vandaag misschien wel in gezeten maar het was blijkbaar nog niet mijn moment. Zo zie je maar weer dat je hard kunt trainen, sterker en beter kunt worden maar dat dat nog altijd geen garantie is om te winnen. Bij winnen komt meer kijken dan dat en misschien moet je winnen ook wel een beetje leren. Zeker als je helemaal in een wedstrijd zit en onder druk komt te staan, kan alles zomaar de andere kant op vallen en de winst aan je neus voorbij gaan.
Toch haal ik positieve punten uit deze wedstrijd. Ik heb nog nooit zo geconcentreerd kunnen rijden, zo lang op kop gereden, zo veel aanmoedigingen gehad maar bovenal: Ik heb nog nooit zo veel geleerd in een wedstrijd.

kromme tenen en kramp in de benen. Maar een Olympisch ticket op zak!

Ik open deze post met het meest positieve van dit weekend, een belangrijk nieuwtje en iets waar ik heel erg naar uit kijk: ik heb mijn nominatie voor de Olympische spelen van 2020 in Tokyo binnen!


Een mooie plek op het podium, een bos bloemen en bovenal die Olympische nominatie. Het is een prachtige opsomming maar het is nog niet het hoogste schavot… In de eindafrekening ben ik toch niet 100% tevreden over het afgelopen weekend tijdens de World Cup opener van het seizoen, verreden Albstadt. Ik had uiteraard in mijn kop zitten dat ik mijn prestaties van vorig seizoen minimaal wilde evenaren. Het parcours in Albstadt ligt mij altijd prima, met de 190 af te leggen hoogtemeters per ronde is het fysiek gezien de zwaarste van het seizoen. Technisch is het echter niet helemaal mijn favoriet: de afdalingen zijn snel en de ondergrond lijkt onder je weg te rollen door de toplaag van kiezelstenen. Kortom, de klimmers doen het steevast goed op dit parcours maar … een foutje is zo gemaakt. Je bent hier nooit zeker van je podiumplaats tot je er daadwerkelijk op staat.

Helaas gold dat ook voor mij tijdens de 5 ronden tellende wedstrijd van zondag. Ik begon heerlijk, zat goed in mijn ritme en had ondanks de gladde condities geen foutje gemaakt. De supersterke wereldkampioene Kate Courtney had echter al in de eerste klim een tempo aangeslagen dat geen van de andere rijdsters kon evenaren. Ik moest even op gang komen en lag in de eerste ronde op de derde plaats. Ik voelde echter dat ik meer in me had en dat ik de wedstrijd goed zou kunnen indelen; mijn energie voelde onuitputtelijk. Ik legde al vroeg in de wedstrijd beslag op de 2e plek en zag de regenboogtrui van Kate de hele race voor me. Dat frustreerde me; echt uitlopen deed ze niet maar ze had in de eerste ronde het verschil gemaakt en dat gat kreeg ik maar niet dicht. “De overwinning is teveel gevraagd vandaag”, dacht ik terwijl ik me een slag in de rondte trapte. Ik had echter wel een veilige marge op nummer drie (Jolanda Neff) en zo leek ik die tweede plaats vrij stevig in handen te hebben. Het had mijn beste World Cup uitslag ooit moeten worden maar … zoals ik al zei: je bent pas zeker van je zaak als je daar op het podium staat en weet dat je alles goed hebt gedaan!

Dat laatste was mij helaas niet gegeven, ik heb niet alles goed gedaan. Met nog anderhalve ronde te gaan maakte ik een flinke smakker, landde hard op de houten ondergrond en zo ook mijn fiets. Ik stond wat aangeslagen maar relatief ongedeerd weer op. Mijn fiets kwam er echter minder goed vanaf. Toen ik weer opstapte merkte ik bij de eerste de beste schakelpoging dat er iets niet pluis was. Ik kon niet meer naar de drie lichtste kransjes op mijn cassette schakelen waardoor ik met een tenenkrommende cadans de vele steile klimmen op moest fietsen. Het werd nog spannend! Heel hard ging ik niet meer maar stoppen in de technische post was ook niet echt een optie, dat zou waarschijnlijk te veel tijd kosten. Achter mij kwam de concurrentie steeds dichterbij. Jolanda passeerde me en mijn teamgenote Yana volgde al snel. Ik heb echt getwijfeld of ik zou moeten stoppen, misschien kon mijn mechanieker de derailleur snel ietsjes recht buigen en zou ik geen problemen meer hebben. Aan de andere kant, hoeveel plekken zou ik verliezen met een pitstop? Dat is altijd zo lastig in te schatten als je in de wedstrijd zit. Achteraf ben ik heel erg blij dat ik door ben gefietst. Er stond namelijk niet alleen een World Cup podiumplaats op het spel, deze wedstrijd gold ook als kwalificatiemoment voor de Olympische spelen van 2020. Als ik in deze wedstrijd in de top 6 zou rijden zou ik direct geplaatst zijn. Zowel van de spanning als van de kramp die ik in mijn benen voelde, zat ik met kromme tenen op mijn fiets. Mijn cadans zal op de zwaarste stukken van het parcours niet ver boven de 40 zijn gekomen. Maar: ook met een cadans van 40 kom je vooruit en dat was het enige wat ik wilde. "Naar de finish toe" schreeuwde ik mijzelf toe. Zo wist ik in de laatste klim mijn 4e positie te behouden en kon ik na de wedstrijd opgelucht ademhalen. Het was gewoon gelukt! Ik heb me gekwalificeerd voor de Olympische spelen van 2020!!

Toch stond ik er na afloop van de race enigszins beduusd bij. Ik had zo graag mijn wedstrijd goed willen afmaken en die tweede trede op het podium beklommen. Maar dat is sport, je moet een perfecte race rijden, je kunt jezelf geen foutje permitteren. Juist deze dubbele gevoelens en emoties maken de sport zo mooi. Niettemin werdt er wel een klein feestje gevierd want de Olympische spelen zijn een droom die nu echt uit lijkt te gaan komen.


Podium op je sloffen of op je velg?

Afgelopen weekend stond de laatste wedstrijd vóór de aftrap van het World Cup seizoen op het programma. Van deze wedstrijd, verreden in het Duitse Heubach, weet ik van te voren nooit wat ik kan verwachten. Het parcours kent een lange en zware klim maar de afdaling is daarentegen zo leuk! Het is speels en snel en je moet echt zoeken naar de grip op dit vrijwel altijd modderige parcours. Kortom; een uitdaging. En laat het nu net zo zijn dat een van de beste daalsters van de wereld, Jolanda Neff, dit weekend ook aan de start stond. Zij is zonder enige twijfel een dame die weet hoe ze die fiets moet controleren. Daarbij heeft ze ook nog eens een Downhill liefje en is ze misschien daardoor nóg wel harder gaan dalen dan ze al deed. Zodoende was ik benieuwd of zij vandaag de topfavoriete op dit parcours zou zijn of dat iemand het haar moeilijk zou kunnen maken.

Ik voelde me ook zeker niet slecht en ik zat technisch lekker op de fiets. Vandaar dat ik me had voorgenomen om te kijken of ik Jolanda zou kunnen volgen in het begin van de wedstrijd. Wanneer je afdaalt in haar wiel is spektakel eigenlijk wel gegarandeerd.

Mijn start was goed en meteen na de gevreesde klim reed ik inderdaad achter Jolanda aan de afdaling in. Lang hield ik haar echter niet in het zicht; ik zag binnen een meter of twintig haar blonde krullen het bos in verdwijnen. Zelf was ik absoluut niet als een krant aan het rijden en zette ik alles op alles om het gat niet al te groot te laten worden. Op de klim in de tweede ronde kreeg ik de bevestiging dat dit was gelukt en keek ik Jolanda weer in de rug. Er was nog hoop! Niet veel later bleek dat ik goede benen had en elke ronde voelde ik me steeds meer vast beraden om de leiding in de wedstrijd over te gaan nemen. In de op één na laatste ronde wist ik inderdaad de eerste positie in de wedstrijd te pakken en wonder boven wonder kon ik meteen een klein gaatje slaan. Veel kans om mijn voorsprong uit te bouwen had ik echter niet. In de afdaling sloot Jolanda weer aan en toen….. PANG POEF!!! Ik reed over een scherpe, met modder bedekte rots die ik niet had zien liggen. Mijn beide banden waren in één keer plat en ik kon de overwinning wel op mijn buik schrijven.

Ik kon zodoende zeker niet op mijn sloffen naar het podium fietsen maar moest half steppend half rijdend op mijn velgen de technische post zien te bereiken. Ik zag 3 rijders passeren maar mijn wielen waren snel gewisseld en ik zat weer op mijn fiets. De 3e plaats in de wedstrijd was nog mogelijk. Ik keek mijn landgenote Anne Terpstra in de rug en moest nog even tot het gaatje gaan op die laatste steile klim. Dat was het meer dan waard geweest. Na de wedstrijd kon ik met een goed gevoel het podium op stappen. Het was een spannende wedstrijd en pech hoort er soms bij. Mijn vorm is goed en dat geeft zeer veel vertrouwen in aanloop naar de World Cup. Nu wordt het langzaam aan taperen (lees: met mijn sloffen op de bank, voetjes omhoog en herstellen) om mijn beste vorm te kunnen behalen.





Cava versus Prosecco

Ik begin deze blog met het einde van mijn vorige wedstrijd. Anderhalve week geleden stond ik in het Oostenrijkse Haiming op het hoogste schavotje met een prachtige wijnfles in mijn handen. "Cava" stond erop. Aangezien mijn wijnkennis nog niet zo groot is, keek ik mijn podium genote Sina Frei aan. "Moeten we hem hier al open maken? Is dit wel mousserend?" Het zou een vreemd gezicht zijn als we hem wild schuddend open zouden maken en er vervolgens niets te spuiten viel. Misschien was het gewoon bedoeld om mee naar huis te nemen en lekker op te drinken. Thuis was mijn moeder echter verbolgen over het feit dat we op het podium geen feestje hadden gebouwd met deze Spaanse mousserende wijn.
Bij de wedstrijd van afgelopen weekend kreeg ik gelukkig de kans om het over te doen. Ik stond op het podium in het Italiaanse Nalles. Weer met Sina en weer kregen we een grote fles in onze handen gedrukt van de organisator. Maar deze herkende ik wel: het was een Prosecco! Ik had in de wedstrijd de winst helaas niet naar mij toe weten te trekken maar bij het open trekken van de Prosecco was ik wel het snelst. Zodoende kon ik mijn podium genoten trakteren op een Prosecco douche.

De prosecco smaakte lekker en als ik terug kijk op de wedstrijd begon die ook erg lekker. Met een goede start kwam ik bijna als eerste boven aan de start klim. Bijna… helaas haalde Sina mij vlak voor het topje in en moest ik proberen aan te haken. Na deze zware klim spoot het melkzuur me uit de oren. Ik wilde Sina niet laten gaan want ik was me er van bewust dat zij mijn gevaarlijkste concurrente zou zijn. Als die weg fiets dan zie je haar meestal steeds kleiner worden en tenslotte aan de horizon verdwijnen. Ik bleef 3 ronde lang op ongeveer vijftien seconden achterstand en hield haar in het zicht. Maar helaas had zij in de laatste ronde nét dat beetje extra wat ik niet meer had. Zo moest ik genoegen nemen met de tweede plek. De rest van het verhaal is bekend… De Cava van de eerste wedstrijd staat nog ongeopend… Een dranken spelletje zal ik niet zo snel gaan winnen.


De kop is er af!

Gisteren stond ik in het Oostenrijkse Haiming tijdens mijn eerste wedstrijd van dit seizoen niet bepaald relaxed aan de start. Ik was nerveus en de zware trainingen van de week ervoor brachten me wat kopzorgen. Het is in zo'n situatie soms lastig met een veel zelfvertrouwen aan de start te verschijnen en te denken; "ik ga mijn concurrenten eens een kopje kleiner maken."

De parcoursverkenning was echter uitstekend verlopen en er was, als je het realistisch bekijkt, geen reden tot nervositeit. "Kop op" hoor ik mijn moeder nog zeggen, "gewoon lekker rijden en je eigen ding doen, dan komt het wel goed."

En ze had gelijk. Ik deed mijn ding en begon de wedstrijd met een kopstart (wie had dat nu kunnen bedenken?). Ik trok door en wist in de eerste klim een paar seconden voorsprong te pakken. De wedstrijd was echter nog lang. Op de 4,3 kilometer lange, kronkelende ronde door het bos, over lastige wortels, stenen en zware klimmen is een foutje bovendien zo gemaakt. Foutjes kunnen soms hard worden afgestraft en dus is het cruciaal om je kop bij de wedstrijd te houden. Maar een wedstrijd zonder kleine foutjes op dit parcours, dat is mij nog nooit gelukt. Ik maakte dus ook nu een paar stuurfoutjes maar deze kostten me gelukkig niet al te veel tijd. Het was heus geen perfecte race maar ik had het juiste ritme te pakken en zat lekker in de flow. Bovendien werd ik geholpen door mijn splinternieuwe full-suspension fiets, die mij veel voordeel bracht op het hobbelige parcours. Ik kon op deze fiets makkelijk bijtrappen op secties waar ik normaal gesproken zodanig door elkaar wordt geschud dat ik er koppijn van krijg.
Op deze manier kon ik mijn voorsprong uitbouwen en wist ik tóch mijn concurrenten een kopje kleiner te maken. De voorsprong groeide van 30 seconden in de eerste ronde naar 1 minuut en 15 seconden bij de finish op de nummer twee, de Zwitserse Sina Frei. Het podium werd gecompleteerd door de Italiaanse Martina Berta. Mijn teamgenootje Yana reed een solide race en behaalde de vijfde plaats.

Zo, de kop is er af. Het seizoen is nu echt begonnen!! Deze overwinning geeft mij veel vertrouwen voor de rest van het jaar. Maar.. we zijn er nog niet. Komende week sta ik aan de start in het Zuid-Tiroolse Nalles. Daarna is er tijd en werk ik verder richting de eerste World Cups die op de kop af over 6 weken zullen plaatsvinden.

Neuzen dezelfde kant op in de wind

Inmiddels zit mijn 4e KPN marathon cup er weer op en ik besef me dat ik helemaal geen updates heb geplaatst over mijn tweede liefde; het marathon schaatsen.

Ik zeg wel ‘mijn tweede liefde’ maar sport is eigenlijk niet altijd liefde. In de marathon wedstrijden wil ik namelijk één ding vooral níet en dat is een eindsprint moeten rijden met 80 man. Als ik een eindsprint moet aangaan is het alles behalve liefde. Trouwens; ook de liefde onder de rijdsters is dan ver te zoeken. Om iedere centimeter wordt geknokt. Ik vind het fantastisch om te schaatsen maar na zo’n sprint finale ben ik toch vaak een beetje teleurgesteld.

De afgelopen 3 wedstrijden waar ik aan de start stond had ons team (team iM FARMING) zijn uiterste best gedaan maar van een kopgroep was het nog niet gekomen.

Maar… toen ik afgelopen zaterdag voorafgaand aan de wedstrijd het ijs in Alkmaar bestudeerde kreeg ik een onderbuik gevoel. Het gevoel dat het wel eens een spannende wedstrijd kon gaan worden. Op het rechte stuk voor de finishlijn stond een stevige tegenwind. De ‘Zamboni’ machines die het ijs prepareerden bleven rondje na rondje rijden in een poging een glad vloertje neer te leggen. Het was tevergeefs, en dat was mijn geluk die avond.

Het peloton in Alkmaar reed het eerste deel van de wedstrijd in een langgerekt lint. Dat zegt meestal al voldoende; het is een zware koers. Er waren dan ook niet veel aanvallen nodig voordat er een kleine kopgroep ontstond. De namen van deze aanvallers; Irene Schouten, Lisa van der Geest, Emma Engberts, Imke Vormeer en ik. Zoals meestal zat ik er bij, maar later zal blijken, was het podium niet voor mij.

Alkmaar8-12-18(5)

Ik doe kort verslag van hoe het verliep voor deze strijdlustige kopgroep. De meiden van het groepje waarin ik reed zijn allemaal bikkels en ik heb respect voor hun manier van koersen. Er werd goed samengewerkt en (met) onze neuzen (vol in de wind) stonden dezelfde kant op. We wilden graag zo snel mogelijk een rondje voorsprong pakken op het peloton. Het peloton was echter in kleine stukjes versnipperd; meiden die de oversteek naar onze groep wilden maken en meiden met hun tong op hun schoenen die het niet meer redden. Nadat wij ronde na ronde hadden gebikkeld kwam ons toch een flinke groep achtervolgers achterop gereden. Mijn teamgenoot Janneke Elzinga zat hier bij en oogde nog sterk. Het was voor ons uiteraard heel erg fijn om met zijn tweeën in de kop van de wedstrijd te zitten.
Echter wilde ik graag een harde koers en met een zo’n klein mogelijke groep (of zelfs solo) naar de finish. Zodoende verzetten Janneke en ik nog wat extra werk maar de gaten die we sloegen werden onmiddellijk gedicht door de oplettend rijdende Irene Schouten. Zij wist dat ze mij in de gaten moest houden en iedereen wist dat zij de snelste is als het op de sprint aankomt. Ik moest het er maar mee doen. In de sprint met een uiteindelijk zeer select groepje (de 5 rijdsters hadden zich weer los weten te werken van de grotere kopgroep) wist ik het podium net niet te halen en stak ik als 4e het puntje van mijn neus over de streep.

Een kopgroep mis ik werkelijk nooit maar het podium vrijwel altijd. Desalniettemin heb ik genoten van de wedstrijd en het beulen en bikkelen. Dit is waarom mijn liefde voor marathon schaatsen altijd zal blijven bestaan.

Het seizoen afgesloten met de overwinning.

Mijn mountainbikeseizoen 2018 is super verlopen. Met meerdere podiumplaatsen in de World Cups en een vijfde plaats overall, een zevende plaats op het WK en een zesde plaats op het EK kan ik met een heel tevreden gevoel terugkijken. Maar toch, ik had dit seizoen nog maar één keer echt op de hoogste trede van het schavot mogen plaatsnemen. Ik was stiekem toch nog wel op jacht naar een zege aan het eind van dit seizoen.

Ik had zó veel zin in de Maja Race; de wedstrijd die al 10 jaar lang door Maja Wloszczowska in haar thuisland Polen wordt georganiseerd. Dit evenement is elk jaar weer een groot succes. Er stond wederom een mooi deelnemersveld, een uitdagend parcours en na afloop een leuk feestje voor ons klaar.

maja-race1

Ik stond eager aan de start van mijn laatste wedstrijd van dit jaar. Mijn doel: lekker rijden, plezier hebben en alles wat ik het seizoen had geleerd samenbrengen in één wedstrijd. En dat lukte! Ik startte goed achter mijn landgenote Anne Terpstra. Na de korte startronde wist ik de leiding in de wedstrijd over te nemen en deze stond ik vervolgens niet meer af. De hoge en spectaculaire drops in dit parcours waren uitdagend maar ik jumpte er lekker overheen. Door alle korte lusjes in het parcours kon ik soms de tegenstanders achter me even in de ogen kijken. Zo ving ik af en toe een glimp op van Maja die in de tweede positie reed. Maar het gat was groot genoeg en ik voelde me veilig. Zowel technisch als fysiek liep het goed en het was precies de wedstrijd waar ik op had gehoopt. Met mijn handen in de lucht passeerde ik de finishlijn.

Na een fantastisch seizoen (soms vergeet ik dat te beseffen) is dit extra lekker afsluiten. Alle wedstrijden samen maakten 2018 tot een succes en dat geeft veel motivatie voor volgend jaar. Maar bovenal heb ik heel veel meegemaakt, plezier gehad en geleerd.

Hiervoor wil ik in het bijzonder mijn team bedanken. Dit jaar reed ik voor het eerst voor het team van Bart Brentjens, het CST Sandd American Eagle Mountainbike Racing Team, en dat is zeker een goede beslissing geweest. Het is een fantastisch team met een uitstekende sfeer. Dankzij alle ervaring van de staf en de andere rijders brengen we elkaar naar een hoger niveau.

Zo, het is nu even tijd voor rust. Er is tijd om terug te kijken op het seizoen een daarna heb ik weer een drukke schaatswinter voor de boeg.


maja-race8
foto’s door: bikeLIFE en jsphoto

Ik kan alles! (behalve wereldkampioen worden)

Met een Zwitserse winkelhaak in mijn knie zat ik bij de dokterspost de hand van bondscoach Gerben de Knegt fijn te knijpen. Na een domme val op het parcours had ik een lelijke wond opgelopen in mijn rechter knie die zodoende gehecht moest worden.
Met nog drie dagen te gaan tot het Wereld Kampioenschap in Lenzerheide was dat uiteraard verre van een ideale voorbereiding. Ik moest rusten, rusten en nog eens rusten, wat over het algemeen de grootste uitdaging voor mij is. Maar ik had niet veel pijn en de dag voor de wedstrijd kon ik het parcours nog eens goed verkennen. Het liep weer prima en ik voelde me dolgelukkig dat ik weer op de fiets zat. Ik riep helemaal blij: ‘Ik kan alles!!’ Ik bedoelde uiteraard dat ik alle secties op het parcours weer kon fietsen. Het woordje ‘alles’ moest misschien niet al te letterlijk genomen worden want wereld kampioene worden, dat zat er niet in.

Een frisse knie had ik niet, maar ik hoopte op extra frisse benen ter compensatie. Zo stond ik gisteren met een blij gezicht aan de start in Lenzerheide. Ik voelde geen druk op mijn schouders en was enkel aan het genieten van de met publiek volgeladen bergflanken langs het parcours. De Zwitsers zijn helden in mountainbiken en zo zijn de Zwitserse toeschouwers helden in aanmoedigen. Om je een indicatie te geven; de Zwitsers zijn net zo trots op hun mountainbikers als de Nederlanders op hun schaatsers.

_AD55116

De aanmoedigingen kwamen mij goed van pas want mijn start was niet denderend. De eerste meters van de wedstrijd waren prima maar ik zakte daarna wat terug. Ik kwam bij de eerste ronde ongeveer als 10e door en wilde graag metertje voor metertje sneller gaan rijden en plaatsen winnen. Dat lukte in eerste instantie en ik wist de top vijf in te rijden. Ik fietste vlak achter de ervaren Poolse Maja Wloszczowska en vond het prettig om haar ritme te volgen. Nadat ik haar passeerde maakte ik helaas een schakelfoutje en verloor ik (tot twee keer toe) mijn ketting en daarmee tevens een aantal posities. Ik wilde heel graag mijn verloren positie weer terug winnen. Zoals je dat wel vaker ziet bij rijders die na een korte stop een extra boost hebben en ineens dubbel zo hard terug naar de kop rijden. Dat kon ik gisteren helaas niet. Mijn benen konden niet harder trappen dan ze al deden. Zo was ik op mijn eerste WK bij de Elite goed genoeg voor de 7e plaats. Een resultaat waar ik zeker niet ontevreden mee mag zijn maar honderd procent tevreden ben ik ook weer niet. (Oke ik weet ook wel dat ik nu kritisch ben). Maar het was toch een ontzettend mooi WK en ik heb er alles uit gesleept. Ik ben vooral heel erg trots op onze Nederlandse ploeg. We hebben als team twee bronzen medailles in de wacht gesleept (Matthieu van der Poel bij de Elite mannen en David Nordemann werd derde bij de U23 mannen).
Wij als dames lieten ook zien dat we niet onder hoeven te doen voor de mannen en zo wisten Sophie von Berswordt (U23 dame) en ik beiden een top tien positie te veroveren. Ik vind het cool om te kunnen laten zien dat wij, fietsers uit dat kleine vlakke Nederland toch een verdomd potje snel kunnen mountainbiken.

_AD54998

Je vastbijten in een achterband en de gevolgen daarvan

Pas gisteren besefte ik dat er op mijn website nog geen wedstrijdverslag stond van de World Cup finale van vorige week (de wedstrijd waarvan iedereen op het puntje van zijn stoel ging zitten). Hoogste tijd dus voor een update van dat succesvolle weekend. 

Waar het publiek op het puntje van zijn stoel zat, zaten de renners op het puntje van hun zadel. Tijdens de laatste World Cup van het seizoen schoof ik heen en weer over het zadel, balans en grip zoekend tussen mijn voor- en achterwiel. Tijdens de parcoursverkenning eerder die week vond ik het splinternieuwe parcours in het Franse la Bresse nog erg mooi maar niet heel moeilijk. Hoe anders was dat op de wedstrijddag: na de regen van de dag ervoor waren de condities plotseling heel uitdagend. Ik was er wel blij mee want ik houd er wel van als dingen mij een beetje lastig worden gemaakt. 


Welnu, ik kan je vertellen dat het mij tijdens de wedstrijd van zondag nog iets lastiger werd gemaakt dan gehoopt. Door de modderige en gladde condities koos ik voor een wat lagere bandenspanning dan gebruikelijk in de hoop wat meer grip te hebben. Ik was niet de enige renner die zo redeneerde en dit resulteerde in spectaculaire acties in de technische post op het parcours. Hier volgt mijn raceverhaal.

_AD57532

Ik startte die dag op de eerste startrij; een goede uitgangspositie voor een perfecte race. Ik stond 6e in het algemeen klassement en tussen plaats 3 en 6 was nog alles mogelijk. Voor mij was was het dus een wedstrijd van alles of niets. Mijn start was uitstekend en ik glibberde de eerste single track af in een 5e positie. Die eerste single track bleek echter niet fietsbaar en zodoende werd het al snel rennen met de fiets aan de hand. Ik kende een goed begin van de wedstrijd en schoof op naar een 4e plaats. Ik hoopte dat ik de dames voor me zou kunnen blijven volgen. Enkel de in bloedvorm verkerende Jolanda Neff was al als een stipje aan de horizon verdwenen. De andere dames bleven dicht bij elkaar en waren aan elkaar gewaagd. Ineens was dat stipje aan de horizon geen stipje meer maar zag ik de regenboogtrui van Jolanda met een leeggelopen achterband stil staan in de technische post. Haar mechanieker stond aan haar wiel te trekken alsof zijn leven ervan afhing. Jolanda was haar 1e positie kwijt en sloot achter mij aan. Nog geen halve ronde later hoorde ik weer het gesist van een leeglopende band. Deze keer was ik het zelf. Helaas was ik net mijn mechanieker voorbij gereden en moest ik nog een flink stuk door op mijn velg. Ik kon er nog behoorlijk mee doorrijden en gelukkig kon ik dankzij een razendsnelle wissel de post snel weer verlaten. Ik sprong op mijn fiets en wilde zo snel mogelijk weer aansluiten. Maar helaas had ik nu echt een groot gat voor me. Dat was wel een domper. Ik had me vandaag heel graag vastgebeten in de, al dan niet lekke, achterband van een voorganger in de hoop mijn positie in het klassement nog te verbeteren. Het werden uiteindelijk nog 3 volle rondjes in mijn uppie. Voor en gelukkig ook achter mij waren de verschillen te groot om nog dicht te rijden. Vóór mij was de strijd echter nog niet helemaal gestreden. Ook de andere dames kregen te maken met lekke band na lekke band. Zo werd de strijd voor het klassement mede beslist door de mechanieker met de snelste wielen wissel. Uiteindelijk was Jolanda Neff, ondanks haar pech, onverslaanbaar en wist de wedstrijd te winnen. Ikzelf kwam als 6e over de streep en wist daarmee toch nog 1 plaatsje in het klassement op te schuiven. Bij het passeren van de finish kon ik pas echt genieten en zag ik hoeveel toeschouwers stonden te juichen. Ik was gewoon 5e in het eindklassement van de World Cup geworden! Een prestatie waar ik niet van had durven dromen. Maar het was niet eens een droom, het was werkelijkheid!

Ik mocht hiervoor aan het eind van de dag een plaatsje op het podium innemen en heb sindsdien een nieuwe trofee op de schouw staan. Eentje waar ik heel trots op ben maar ook eentje waarvoor niet alleen ik maar ook mijn team en mijn ouders keihard hebben gewerkt.