Blog

Vallen en knallen

In Utrecht vond gisteren een zeer spectaculaire marathon plaats; wedstrijd nummer 4 van het seizoen. Vorige week had ik de wedstrijd moeten laten schieten en zodoende had ik een aantal punten gemist. Ik verscheen gisteren dus niet meer in het witte pak (jongeren klassement) aan de start maar in mijn oude vertrouwde iMFARMING pak.
Ik houd wel van de Vechtsebanen in Utrecht. Het ijs is niet al te goed; een beetje ruw en hier en daar wat scheuren. Tja… ik kan wel zeggen dat ik houd van die zware omstandigheden maar gisteren zat het me toch even tegen. Op het moment dat ik n
ét in de aanval wilde gaan trapte ik met mijn punt in een scheur en lag ik op het koude natte ijs. Ik tolde een paar rondjes op mijn kont (het ijs was ineens toch gladder dan het leek) en krabbelde zo snel mogelijk weer op. We hadden inmiddels een ronde of 35 gereden en de koers was in volle gang. Gelukkig wist ik na twee ronden bikkelen de aansluiting weer te vinden. Mijn coördinatie was even weg en de benen trilden nog na van de val maar ik herstelde even rustig in het peloton en vond mijn ritme weer terug. Het werd tijd voor de serieuze aanvallen!
De sterkste meiden uit het peloton kregen hun zin en er ontstonden twee losse kopgroepen die uiteindelijk beiden de aansluiting bij de staart van het het peloton vonden. In eerste instantie had ik niet eens in de gaten dat er naast de eerste kopgroep (waar ik deel van uit maakte) n
óg een groepje rond was gegaan. Toen ik achterom keek was ik verbaasd dat er een stuk of zestien dames achter mij reden.
Ik besloot tijdens de eindsprint van het peloton (deze sprint op 10 ronden voor het einde af om de kopgroep in de finale ruimte te geven) helemaal voorin te gaan zitten en me te laten meezuigen in hun kielzog. Zo kwam ik op tien ronden voor het eind met een flinke voorsprong te zitten. Ik probeerde het gat in eerste instantie te vergroten maar zag dat tien rondjes in mijn eentje bikkelen toch een beetje te veel gevraagd was. Zodoende kwam de grote kopgroep weer terug en probeerde ik mijn benen te strekken en te herstellen voor een lange sprint tegen de snelle meiden in de groep. De anderen waren ongetwijfeld iets frisser dan ik. Ik had al 70 bizarre wedstrijd rondjes achter de rug; een val en vele aanvalspogingen waardoor mijn benen wel zo’n beetje uit elkaar knalden van de verzuring. Ik ging
één ronde voor het einde de sprint aan. Het was aan de vroege kant maar ik wilde toch gaan! Het ging uitstekend. De klappen waren nog raak maar helaas kwamen Janneke Ensing en Lisa van der Geest voorbij. Op de streep was het nog even spannend maar moest ik in de laatste meters toch mijn hoofd buigen voor Imke Vormeer. Een vierde plaats was het hoogst haalbare vandaag. Desalniettemin was het een prachtige strijd! Het was prachtig geweest als het ook nog eens een podium plaats op had geleverd maar ik had een mooie avond gehad. Ik houd gewoon van knallen! Liefs alleen ‘knallen’ en niet ‘vallen en knallen’. Dat doe ik volgende week dan maar weer. Overigens wel weer in het witte pak mijn Haarlem!
Zin om eens te komen kijken? Volgende week zaterdag om kwart over zeven in Haarlem valt het startschot weer.
LMP_2062

Transfer naar het Brentjens MTB team!

Het officiële persbericht is al even de deur uit maar ik wilde het nieuws toch niet onvermeld op mijn website voorbij laten gaan!
Ik ben heel erg blij te kunnen vertellen dat ik vanaf 2018 zal aansluiten bij het Bart Brentjens mountainbike team. Een team met veel ervaring en professionele begeleiding. Bovendien staat het team op het moment nummer
één op de UCI wereld ranglijst.

Ik sluit daarmee prachtig een hoofdstuk af. Twee jaar lang heb ik met heel veel plezier en succes voor het Habitat mountainbike team gereden. Het team, de begeleiding en mijn materiaal waren helemaal op mij afgestemd en zo kon ik de afgelopen seizoenen enorme stappen richting de wereld top maken. Ik wil Habitat heel erg bedanken.

Vorige week werd het nieuws dan eindelijk bekend. Hierbij het persbericht over mijn transfer.
103881_irmo_keizerLees meer...

Nat wit ijs maar een droog wit pak

Gisteren betrad ik met nieuwe schaatsen het witte ijs van de Jaap Eden ijsbaan in Amsterdam. Het lag er nat bij. Plensbuien een half uur voor onze start resulteerden in natte broekspijpen. Onze ijzers maakten een spoor door het water dat in het rond spatte. Mij kon het niets deren. Het marathon schaatsseizoen was weer begonnen en ik stond te popelen!

Omdat ik, noodgedwongen door een blessure, eerder ben gestopt met het mountainbikeseizoen kon ik de aftrap van het schaatsseizoen meemaken. Na een korte rustperiode ben ik het ijs weer op gegaan en stond ik nu stevig in mijn schaatsschoenen. 
amsterdam21-10-17(8)
De wedstrijd in Amsterdam is altijd een sfeervolle voor het publiek maar een zware en harde voor de rijders. Iedereen wil zijn vorm testen en kijken wie er dit jaar de belangrijkste concurrenten zullen worden. Wie is er al in vorm en voor wie is er nog werk aan de winkel?
Met een groot en gemotiveerd peloton gingen we van start. Alle rijders waren klaar voor de aanval en we konden rekenen op een harde koers. Dat werd het inderdaad. Al na 20 rondjes te hebben gereden ontstond er een flinke kopgroep waar ik helaas niet in zat. Samen met Carien en Irene probeerde ik het gat te dichten maar we haalden het nét niet. Niet lang daarna ontstond een tweede kopgroep waar ik wél bij zat. De tweede kopgroep was een combinatie van rijders die al één rondje voorsprong hadden en rijders (waaronder ik) die hun eerste ronde voorsprong wilden pakken. We kregen het peloton vóór ons al vrij snel in zicht. Het was niet ver meer tot de staart. Ik probeerde efficiënt te schaatsen en rake klappen te geven. Het leek echt te gaan lukken en ik wachtte op de mededeling van de jury dat we officieel één ronde te pakken hadden. Maar het peloton begon weer harder te rijden en de finale van de wedstrijd kwam in zicht. Daar ging mijn hoop. Het werd chaotisch in onze kopgroep. Iedere rijder had andere belangen en speelde zijn eigen spel. We kregen nét geen ronde voorsprong en onze afsprintprocedure was begonnen. Ik won de eindsprint van het peloton en daarmee behaalde ik een 6e plaats tijdens deze eerste wedstrijd van het seizoen. De dames met één ronde voorsprong moesten nu hun finale rijden en uiteindelijk ging de winst naar Lisa van der Geest. Een hele knappe wedstrijd voor haar!

Na de finish stonden mijn ploeggenootjes te juichen omdat ik het witte pak had binnengesleept! Volgende week mag ik dus starten in het witte leiderspak van het jongerenklassement!
Wat een bijzondere opening van het seizoen! Het was echt een spannende en verrassende wedstrijd. Het is fantastisch dat alle rijders zo eager zijn om aan te vallen zodat er twee kopgroepen ontstaan. Daardoor is de wedstrijd wel lastig te volgen voor het publiek maar volgende week ben ik in ieder geval makkelijk te vinden in het peloton. Het witte pak zal proberen te schitteren op KPN Cup nummer 2 in Leeuwarden!

Van de wereld aan de andere kant van de wereld

Ik was even van de wereld toen ik afgelopen zaterdag in de eerste volle ronde op het WK ten val kwam. Ik krabbelde snel op en deed een poging weer aan te haken bij de Zwitserse Sina Frei. Hierbij mijn blog over dit bewogen WK week aan de andere kant van de wereld.

Het was tien dagen vóór het WK dat zou plaatsvinden in het Australische Cairns. De leden van het Nederlands team, bestaande uit 7 renners en 3 begeleiders, sleepten met hun koffers, fietsen, massagetafels en gereedschap over de luchthaven. Er stond ons een lange reis te wachten. Via een tussenstop van 16 uur in Hongkong (die uiteraard werd gebuikt om wat cultuur te proeven) bereikten we uiteindelijk Cairns. Ik was meteen onder de indruk van het mooie gebied. Het regenwoud en het strand waren prachtig. Heel veel tijd om meer te zien van de overweldigende natuur in Australië was er niet. Het zou een belangrijk WK voor mij worden en ik focuste mij het liefst volledig op de wedstrijd. Ik voelde de goede vorm en op mijn laatste WK in de categorie ‘onder 23’ was ik er uiteraard op gebrand voor de medailles te gaan.
De trainingen voorafgaand aan de wedstrijd waren onwijs gaaf. Het was geweldig om dwars door de jungle te fietsen. De tropische bomen en lianen zag ik langsflitsen tijdens de snelle afdaling van dit parcours. Dat is nog eens genieten.

170909_20155_by_Weschta_AUS_Cairns_WCh_XCO_WU_Tauber
Dit ‘jungle parcours’ heeft alles in zich: krap, stijl, technisch en tactisch. Doordat de lange klim op dit parcours zo smal is, is er weinig plaats om in te halen en is een goede start cruciaal. Zigzaggend gaat de klim omhoog totdat je met gierende hartkleppen bovenaan de eerste ‘rockgarden’ komt. Door de vermoeidheid een extra lastig te nemen sectie. Direct hierna volgt een heuse raceafdaling met strakke kombochten en spectaculaire sprongen. De snelheid loopt hier op tot 50 km per uur.


Op zaterdag was ik klaar voor de wedstrijd. Met een paar pijnstillers achter de kiezen fietste ik me warm op de rollerbank. Tja, die pijnstillers had ik helaas nodig want de dag voor de race was ik op mijn knie gevallen en was er vocht in ontstaan. Gelukkig kwam er na vijf minuten fietsen weer een grote glimlacht op mijn gezicht. Ik had geen pijn en wist dat ik nog altijd mee zou kunnen strijden voor het podium.
Ik was pijlsnel uit de startblokken. Met een kopstart vloog ik over de eerste 300 meter van het parcours. Uit mijn ooghoeken zag ik Kate Courtney versnellen, een foutje maken en hoorde ik haar onderuit gaan. Ook Alessandra Keller viel en deze twee dames waren samen met Sina Frei mijn grootste concurrentes. Ik was blij dat ik niet bij de val betrokken raakte en sjeesde verder, nu vlak achter Sina Frei, het parcours over. In de eerste klim was ik tevreden met mijn tweede positie. Zolang ik Sina kon volgen was er geen reden om drukte te maken. We kwamen na
één ronde al op flinke voorsprong langs de start- finishlijn. Ik leek in een perfecte uitgangspositie te zitten. Maar… wil je winnen, dan moet alles van het begin tot het einde goed gaan. Eén simpel bochtje op stenige ondergrond schatte ik totaal verkeerd in en ik gleed onderuit. Gelukkig kon ik snel weer opkrabbelen en met spetters bloed op mijn mooie witte schoenen sloot ik weer snel aan bij Sina. Ik wilde nu geen fouten meer maken en was blij dat ik zo makkelijk weer de aansluiting had gevonden. Tóch ging het voor de tweede keer mis. Ditmaal had ik te maken met een veel langdurigere stop. Mijn derailleur gaf problemen waardoor mijn ketting er telkens af vloog. Vele dames flitsen langs en ik stond daar maar te prutsen. Dit gedoe kostte me ruim 40 seconden. Toch sprong ik vol goede moed weer op mijn fiets en begon aan mijn inhaalrace. Ik wist dat de regenboogtrui voor de wereldkampioen dit jaar niet van mij zou worden maar nog altijd had ik hoop op een podiumplaats. Al snel had ik de top 3 weer in zicht maar ik voelde dat mijn benen af en toe begonnen te verkrampen. “Shit” dacht ik, “ben ik nu toch te snel en te enthousiast aan mijn inhaalrace begonnen?” Het lukte niet meer, de power en het vertrouwen waren weg. Ik verloor een aantal plaatsen en keek soms gefrustreerd naar beneden waar ik een rood bebloed been als een wilde in de rondte zag trappen. Het was tevergeefs. Als 6e kwam ik over de finish. Ik baalde als een stekker. Ondanks het feit dat een 6e plaats niet slecht is, wist ik gewoon dat er veel meer had ingezeten.

De wond die mijn schoen rood had gekleurd was dieper dan gedacht. Een half uur na mijn wedstrijd werden er met zorg acht hechtingen in mijn knie geregen in de EHBO tent. Of het door de verdoving kwam of dat de dokter toverdraad gebruikte; ik kon alles toch snel weer in positief daglicht zien. Ik besefte me dat dit bij de sport hoort. Sport is hard maar zit vol emoties. Zonder teleurstelling bestaat er geen vreugde. Ik ga mijn knie goed laten genezen, zal de rustperiode in gaan en volgend seizoen weer keihard knallen in de Elite categorie.

Ik was overigens niet de enige met pech. Onze U23 jongen Marc Bouwmeester viel al op de eerste dag en moest een flink aantal dagen in het ziekenhuis doorbrengen. Ik hoop dat wij hem als team kracht en moed hebben geven en dat hij snel weer zal opknappen. Heel veel beterschap Marc!

Meer klikkeloss dan klakkeloos

Ik neem altijd klakkeloos aan dat de start wel goed zal gaan maar ditmaal was mijn start klikkeloos. Ik miste bij het startschot mijn pedaal volledig en raakte dus niet ingeklikt. Het gevolg was rennen over de eerste klim, een 21e plaats na de eerste ronde en paniekerig getrap om plaatsen goed te maken. Ik kan wel spreken van een waardeloos begin van de wedstrijd tijdens deze World Cup finale in het Italiaanse Val di Sole.

2017-08-29-PHOTO-00014174
Mijn klikkeloze begin van de wedstrijd in Val di Sole. Redbull.tv

Ik stond vóór deze wedstrijd negende in het algemeen klassement en met nog maar één World Cup in de serie van zes te gaan was ik er uiteraard op gebrand een top 10 plaats te behouden. Voor aanvang van de wedstrijd was ik ervan overtuigd dat ik dit zou kunnen. Zowel conditioneel als technisch stond ik er goed voor. Toch leek deze doelstelling na de start in duigen te vallen. Na dat ‘klikkeloos’ gedoe in de start deed ik mijn uiterste best om naar voren te rijden maar slaagde daar in eerste instantie niet in. Ik werd bij elke klim misselijk en kon gewoon niet sneller. Ondanks mijn eerste moeizame rondjes over het parcours gaf ik de moed niet op. En warempel, ik merkte dat ik halverwege de wedstrijd weer een ‘normaal’ gevoel kreeg in mijn maag en zo kon ik mijn inhaalrace beginnen.

Mijn naam- en landgenote Anne Terpstra reed een hele sterke wedstrijd en nadat ik haar in het vizier kreeg konden we een tijdje samen oprijden. Het voelde goed dat ik nu een hoge trapfrequentie kon draaien en ik zag een aantal meiden voor me stilvallen. De grootste tijdswinst kon ik pakken op het BMX gedeelte. Dit is de sectie van het parcours waar deze wedstrijd om bekend staat. Normaal gesproken worden op dit deel alleen four-cross (4X) wedstrijden gehouden maar nu mochten wij met onze mountainbikes over een aantal van die prachtige jumps vliegen. Zo vloog ik naar voren en ging de knop in de kop helemaal om. Ik keek alleen nog voor me en daar zag ik wonder boven wonder dat een top 10 klassering in deze wedstrijd haalbaar zou zijn. Zo kon ik nog hard doorrammen met een goede positie in het vooruitzicht. In de laatste twee kilometer keek ik de Amerikaanse Lea Davison en de Canadese Catharine Pendrel in de rug. Het was niet ver meer maar ik wist Catharine nog nèt in te halen. Lea had een sterk eindschot en finishte vóór mij op een zevende plaats. Zo was de 8e positie dus voor mij en is het toch weer gelukt om in de top 10 te rijden. Dat had ik zeker niet had verwacht na die slechte start. Anne Terpstra reed naar een 10e plaats en daarmee hebben de Nederlandse rensters het uitstekend gedaan. We laten echt zien dat de Nederlandse dames dit jaar grote spongen voorwaarts hebben gemaakt.

Met trots kan ik zeggen dat ik in het algemeen klassement van de World Cup 2017 een 10e plaats heb behaald. Na zo veel constante wedstrijden, goede prestaties maar ook zo vele leermomenten tussen de Elite Dames kijk ik met een heel tevreden gevoel terug op de zes World Cups van 2017! Het seizoen is echter nog niet voorbij. Over 12 dagen sta ik bij de U23 dames aan de start van het WK in Cairns, Australië.

Door haarspelden naar een zesde plaats in Canada

Zoals ik vlinders in mijn buik krijg als ik denk aan het parcours in Canada zo krijg ik buikkramp als ik denk aan de luchthaven van Montréal. Al twee jaar achtereen loopt mijn vlucht daar flinke vertraging op. Toch is de wat moeizame reis naar deze overzeese World Cup dik de moeite waard geweest.

Op de maandag direct na terugkomst van het EK vloog ik samen met mijn verzorger Sjaak richting Canada. Na zes uurtjes vliegen hing niet alleen ons vliegtuig voor de landingsbaan van Montréal. Daar hing ook een dikke regenbui en zodoende konden we niet landen en moesten uitwijken naar Ottawa. Het werd een verhaal maar om dít verhaal beknopt te houden: na 24 uur reizen kwamen we eindelijk aan in het skigebied genaamd Mont-Sainte-Anne. Een plaats waar ik me uiteraard, gezien de naam, helemaal thuis voel.

Al snel ging zowel bij Sjaak als bij mij de knop volledig op standje perfectionistisch. We hadden een wat bijzonder maar uitstekend werkend schema gemaakt. Onze dagen verliepen als volgt: om 5 uur 's ochtends ging mijn wekker af, de gordijnen open en konden we tijdens het ontbijt genieten van de zonsopkomst. De zonsondergang heb ik nooit gezien want om 7 uur in de avond lag ik alweer onder de wol en viel als een blok in slaap. Dit ritme had ik bepaald om het tijdverschil van 6 uur te overbruggen.

Dat ik me fit voelde om de wedstrijd in te knallen, dat stond wel vast. Wat echter nog onzekerder voelde was het parcours. Dit parcours staat zeker niet bekend als makkelijk. De klimmen gaan in steile haarspeldbochten de berg op en de afdalingen bestaan voornamelijk uit grote rotsblokken waar met precies stuurwerk overheen gemanoeuvreerd dient te worden. Leuk, uitdagend en nog net goed te doen. Als het droog is tenminste… Maar de dag vóór de koers was het plotseling niet meer droog. Het mos op de keien was glad geworden en glibberend en glijdend waren alle rijders op zaterdag opnieuw hun lijnen aan het verkennen. Het moet voor een buitenstaander een bijzonder gezicht zijn geweest. Iedereen probeerde de beste grip te vinden in zowel de lijnen als de banden. Na enig geëxperimenteer voelde ik me toch wel weer zelfverzekerd. “In die bochten omhoog, daar gaat het verschil worden gemaakt” bedacht ik me en precies daar lag mijn sterke punt.

170806_13415_by_Dobslaff_CAN_MontSainteAnne_XCO_WE_Tauber

Klaar voor de start….
AF!

Mijn start was niet al te best maar het had nog minder gekund. Na 200m lag er namelijk al een aantal rijders op de grond en ik had de mazzel er net omheen te kunnen sturen. Helemaal lekker liep mijn eerste ronde niet. Het parcours was weer helemaal opgedroogd en even was ik van mijn à propos toen ik besloot mijn ‘droog weer lijn’ te nemen. Gelukkig wist ik daarna waar ik aan toe was en hoe ik de wedstrijd wilde aanpakken. Aanvallen!!! Dat was precies wat ik deed. Ik lag op een negende positie en zag een aantal meiden binnen de tien tot twintig seconden rijden. Ik kwam telkens dichterbij. In de derde volle ronde kreeg ik nog eens extra power toen ik merkte dat ik rond de zevende positie fietste. Ik knalde de berg op en wist de Engelse Annie Last te passeren. Dat was een lekker rondje!! (In de wedstrijdanalyse zag ik trouwens zojuist dat ik hier een derde rondetijd klokte!) Zo ging ik in zesde positie de laatste ronde in. De laatste klim was die met de haarspelden en in één van die bochten keek ik Tanja Zakelj, die een bocht onder mij fietste, in de ogen. Nou, in die ogen kon ik zien dat ik me moest haasten. Ze kwam snel dichterbij maar had nog maar heel even de tijd om het gat naar mij te dichten en gelukkig (voor mij) kwam ze te laat. Met een gevoel van vreugde en trots kwam ik als zesde over de meet. Het was een superwedstrijd op een parcours waar ik van houd. Zeker die haarspeldbochten lijken voor mij gemaakt.

Terugkijkend op de afgelopen week ben ik een blij en tevreden mens. De Canadezen beleven het mountainbiken op prachtige wijze: wat een enthousiasme! Het is mooi om te merken dat wat ik doe en waar ik zo hard voor train iets losmaakt bij mensen: saamhorigheid, sportiviteit, emoties. Dát is waar topsport om draait! Het kwam allemaal samen in deze op één na laatste World Cup van het seizoen.

EK; schitterend geschitter

Vanochtend werd ik wakker van weerkaatsend licht. Even niet wetend waar dat vandaan kwam, werd ik me er een paar minuten later van bewust dat het mijn bronzen EK medaille op het nachtkastje was die mij had gewekt!! Een fijne manier van wakker worden. Al moet ik wel zeggen dat ik met minder dan het brons geen genoegen zou hebben genomen.

Tijdens deze wedstrijd startte ik de
categorie "onder 23”; mijn officiële wedstrijd categorie. Hoewel ik in de World Cups een jaar eerder naar de Elite ben gegaan vind ik het superleuk om tijdens de kampioenschappen (EK en WK) nog bij de U23 voor het podium te kunnen strijden. Het is een fantastische combinatie. Snel van de Elite dames leren tijdens World Cups maar in de periode dat de kampioenschappen komen beginnen mijn beentjes te popelen om bij de U23 dames vooraan te rijden, de spanning op te zoeken, een favorietenrol waar te maken. Ja die rol… altijd komt de vraag wat ik van mijzelf verwacht. Het antwoord is simpel. Laat mij maar sloopwerk verrichten. Keihard de berg op rammen en met die fiets van links naar rechts smijten om zo snel mogelijk af te dalen. Als dat lekker loopt dan hoeft geen journalist me meer te vragen wat ik verwacht. Dan is het van mijn gezicht af te lezen. Ik voel me goed en ben niet nerveus. Ik ga er voor!

unknown

De parcours verkenningen liepen bij mij echter niet helemaal zoals ik wilde. De organisatie had een prachtig maar ook heel uitdagend parcours gemaakt en ik was even bezig met oefenen voordat alles goed liep. Maar ik had de rust en twijfelde niet aan mijn vorm. Bovendien kende ik mijn concurrentes goed. Vooraf wist ik dat het waarschijnlijk een strijd zou worden tussen mij en de twee Zwitserse dames Sina Frei en Alessandra Keller. Ik kon mijn tactiek van te voren dus al een beetje bepalen.

Bij de start maakte ik op de klim een aantal domme foutjes. Er lag een gladde metalen regengoot in de dwarsrichting waar ik precies met mijn achterwiel in bleef hangen en verloor daardoor een aantal plekken. De eerste ronde op het vlakke gedeelte van het parcours fietste ik net achter een groepje van 5 rijders maar gelukkig vond ik snel de aansluiting. Er werd in dit groepje gekeken en de dames tastten een beetje af hoe snel iedereen was. Zo kwamen Sina, Alessandra en ik al na anderhalve ronde met z’n drieën bij elkaar te zitten. Sina was duidelijk in uitmuntende vorm en wist een gat te slaan met haar landgenote en mij. Ik had het gevoel dat ik net zo goed, zo niet beter klom dan Alessandra. Mountainbiken is echter niet enkel klimmen, het afdalen is minstens zo belangrijk en op dit parcours werden foutjes hard afgestraft. Ik maakte al vroeg in de wedstrijd wat missers en kwam een keer (niet hard gelukkig) ten val. Vanaf dat moment had ik een kleine achterstand op mijn Zwitserse rivale. Toch was het spannend. Ik kwam elke klim rond de vijf tot tien seconden te zitten en hoopte het gat definitief te dichten in de laatste klim. Dit was het gat naar het zilver en OH wat wilde ik dat graag. Maar het bleek een gapend gat dat niet kleiner werd dan vijf seconden. Mijn moeder riep me toe: “Ze zit echt stuk Anne!! Laatste stukje nog.” maar in de afdaling nam Alessandra nog eens alle risico’s en moest ik toch genoegen nemen met het brons. Niet dat dat nu zo’n teleurstelling was hoor. Ik ben dolblij dat ik dit resultaat heb kunnen laten zien en dat ik echt kon meestrijden in de wedstrijd. Maar, zoals waarschijnlijk elke sporter, kijk ik toch met een schuin oog richting het zilver en stiekem ook wel richting het goud. Brons hadden we al twee keer in de Nederlandse selectie deze week. Anne Terpstra en Jeroen van Eck behaalden vrijdag in het sprint onderdeel al een bronzen plak. Met in totaal dus drie keer brons hebben we echt een uitmuntend EK achter de rug.

Ik geniet nog even na van de glimmende medaille in mijn tas. Hij zit veilig opgeborgen tussen mijn kleding en is nu, net als ik, in het vliegtuig onderweg naar Canada voor de volgende wedstrijd.
Tot volgende week!

De Nederlanse titel!

Díe Nederlandse titel, díe trui en díe grote eer heb ik allemaal binnen!! Met de rood-wit-blauwe kampioenstrui, prominent aan de vlaggenstok voor het huis hangend, schrijf ik dit wedstrijdverslag.

NK-2017-Heren-van-der-heijden-becking-copyright-OBeart-VojoMag-31-2048x1280
De bovenstaande foto is genomen na de na de huldiging in mijn nieuwe trui. Door: Vojo Magazine - http://www.vojomag.nl/michiel-van-der-heijden-en-anne-tauber-nieuwe-nederlandse-kampioenen-xco/


De week voorafgaand aan het NK mountainbiken werdt er al veel gespeculeerd. Wie zou de Nederlandse titel op zijn naam schrijven? Zou Anne Terpstra de trui kunnen behouden? Zou Annemarie Worst (wereld kampioene veldrijden) voor een verassing gaan zorgen? Of kan Anne Tauber haar goede vorm tonen en er met de winst vandoor gaan?
Uiteraard hoopte ik dat laatste en dat was ook wat veel mensen van mij verwachtten. Ik voelde me daar echter nog niet zo zeker van. Zowel Anne Terpstra als Annemarie hebben dit seizoen al ontzettend goede wedstrijden gereden en waren zeker niet kansloos voor de winst.

Vóór de wedstrijd voelde ik me redelijk ontspannen en was ik juist super gemotiveerd er een mooie race van te maken. Of ik nu ruim zou winnen of dat het heel close zou worden; dat maakte me niet zo veel uit. Als ik maar als eerste over de streep zou komen. En dat is gelukt!!

Bij de start was ik heel erg slecht weg. Mijn voet schoot naast het pedaal en ik moest aan een kleine inhaal race beginnen. Gelukkig bleef de schade beperkt en kon ik toch als 3e het bos in sturen. Het parcours naast de indoor skiheuvel te Landgraaf lag mij uitstekend. Vlak voor de klim in de eerste ronde nam ik de kop over van Annemarie Worst Met deze klim in het vizier probeerde ik het tempo in de wedstrijd te brengen. Boven op de heuvel aangekomen hoorde ik niet ver achter me het geluid van schakelende derailleurs. Van het lichtste- naar een zwaarder verzet; het was duidelijk dat de twee meiden vol aan het koersen waren. De strijd was nog lang niet gestreden. Het gat op Anne Terpstra was op dat moment ongeveer 10 seconden en ik moest blijven geven.

Ik had veel fans langs de kant. Naast alle enthousiaste aanmoedigingen voor mij, stond het publiek ook klaar met nuttige informatie. Op een aantal punten op het parcours kreeg ik mijn voorsprong toegeschreeuwd. Elke keer dat ik hier voorbij kwam voelde ik een vlaag van zenuwen door mijn lijf… Hoe veel zou het zijn? Mijn vader stond boven aan de eerste klim en de laatste twee ronden dacht ik: “als ik nu zo hard als ik kan die klim op stamp, dan weet ik des te vroeger wat mijn voorsprong is.” Dat dat maar een kwestie van seconden was, daar dacht ik niet aan. Ik wilde gewoon een vertrouwd geluid horen.

Na 5 ronden te hebben gereden op dit mooie en veelzijdige parcours kon ik het dan echt gaan vieren en kwam ik met mijn armen omhoog over de finishlijn.
Ik genoot van het hoogste schavot, het rood-wit-blauwe shirt om mijn schouders en het Wilhelmus. Het hele jaar mag ik tonen dat ik de Nederlandse kampioene ben en ik zal dit met heel veel trots doen. Ik zal laten zien dat kleine Nederlandse meisjes kunnen klimmen in de bergen en dat wij een echt fiets land zijn!

driftkikkeren

Driftkikkeren is volgens de Dikke Van Dale geen werkwoord maar afgelopen zondag heb ik het woord toegevoegd aan mijn persoonlijke woordenboek.

Na mijn top 10 succes in Andorra wilde ik afgelopen zondag in Lenzerheide weer een superrace neerzetten. Dat maakte mij gretig en eager.

De nacht v
óórdat World Cup nummer 4 van start ging raasde er een flinke onweersbui over de prachtige bergen van Lenzerheide. Het parcours bleef niet ongedeerd en de volgende ochtend lagen de wortels er glad bij. Een (drift-)kikker zou zich dus als een vis in het water moeten voelen op dit modderige en gladde terrein. Zodoende was ik bij de start gemotiveerd en behoorlijk zeker van mijn zaak. Dit veranderde echter tijdens de wedstrijd.

Ik startte sterk en voelde dat ik power in mijn benen had. De lange klim die het parcours rijk was, daar wilde ik het verschil maken. Dat lukte uitstekend in de eerste fase van de race. Ik hield de top 5 in zicht en kon aanhaken bij een groepje meiden waaronder Alessandra Keller, Linda Indergand en Emily Batty. Het ging lekker en ik was erop gebrand in hun wiel te blijven. Echter was ik misschien t
é driftkikkerig om de gladde wortels de baas te zijn. Mijn eerste valpartij was meteen een behoorlijke klap. Ik viel op mijn gezicht en hoorde wat kraken. Niets vermoedend sprong ik weer overeind om verder te gaan. Niet veel later kwam ik erachter dat mijn frame gebroken was. Een grote barst was zichtbaar op mijn bovenbuis. Ik voelde me onzeker over mijn materiaal en was een beetje van slag na die klap op mijn gezicht.

Ik probeerde me te herpakken maar vanaf dat moment ging er elke ronde wel iets mis. Driftend met mijn voor- en achterwielen ging ik door de bochten. Soms kon ik mijn fiets nog maar n
et onder controle houden en soms was ik te onstuimig of te laat en ging ik weer op mijn snufferd. Ik verloor positie na positie en zakte terug naar de 14e plaats. In de laatste ronde reed ik vlak achter Sabine Spitz en Adelheid Morath en probeerde die twee plaatsen nog goed te maken. Dat maakte het helaas alleen maar erger. Ik kon mijn rust om technisch goed te fietsen deze wedstrijd echt niet bewaren en zo kwam ik als 15e over de finishlijn. Een beetje gehavend maar vooral gefrustreerd en boos op mezelf. Waarom ben ik toch zo’n driftkikker?

Met een blauw oog en een gebroken frame analyseerde ik de wedstrijd op de terugweg naar huis. Het was een lastige wedstrijd. Dat was het voor iedereen. Maar voor mij was het vooral heel erg leerzaam. Als broekie in de Elite klasse moet ik vooral proberen mezelf te verbeteren. Deze ervaring neem ik weer mee en zet de knop nu om. Op naar de kampioenschapswedstrijden: het NK en het EK staan voor de deur!

P.S. De foto toont mij in (nog) goede tijden, namelijk v
óór de eerste crash.

170709_13215_by_Dobslaff_SUI_Lenzerheide_XCO_WE_Tauber

kleine longen, groot resultaat

Ook mijn kleine longen werken prima op die -onder de mountainbikers welbekende- hoge berg van Andorra. Met een achtste plaats afgelopen weekend tijdens de derde World Cup van het seizoen laat ik zien dat ik me echt heb aangesloten bij de wereldtop!

Vallnord02-07-17(1)

Ruim voor de wedstrijd stonden wij al met de camper op de top van Col de la Botella, niet ver van het World Cup parcours. Dit parcours is
één van de lastigste die wij als rijders gedurende het seizoen tegenkomen. Ten eerste is het fysiek erg zwaar. De 1900 meter hoogte doen je longen piepen bij het beklimmen van de steile berg die er in de winter ongetwijfeld sprookjesachtig besneeuwd bijligt voor de skiërs.Ten tweede is het technisch gezien ook flink lastig. Stenen en korte bochten vragen de volle concentratie tijdens het afdalen. Kortom, een goede voorbereiding is in theorie het halve werk. Maar zie die theorie maar eens waar te maken.

Voor mij ging die theorie op. Afgelopen zondag werd ik als tiende naar de startlijn geroepen voor mijn derde World Cup bij de Elite Dames. Ondertussen wist ik dat ik op een goede dag in de buurt van de top tien zou kunnen eindigen. Echter maakte dat idee mij bloednerveus. Daarom sprak ik mezelf toe: “gewoon iedereen die voor je opdoemt verslinden Anne, pak ze in!” En zo ging ik mentaal sterk van start. Op de eerste steile klim kwam ik goed mee en wist ik in de top vijftien de afdaling in te gaan. Dit was prettig want ik had weinig last van de drukte en kon zonder afstappen, gedoe en stress aan mijn zes wedstrijdrondjes beginnen. Al snel merkte ik dat mijn hart en longen keihard moesten werken om mijn benen bij te houden. Na twee hele sterke ronden fietste ik op een negende positie. Zowel voor als achter me zag ik meiden die net als ik met gierende hartkleppen de klimmen probeerden te bedwingen. Ik kon me geen foutje veroorloven of ik zou direct uit mijn top 10 positie worden gereden. De derde ronde was helaas t
óch net even iets minder sterk maar dat ging gelukkig maar om een handje vol seconden en zo wist ik mijn positie toch vast te houden. Eén ronde later vond ik mijn ritme weer en kon naar een 8e positie rijden. De Russische dame Irina Kalentyeva lag voor- en de Zwitserse Alessandra Keller achter mij. Ik moest het gas er wel op houden want achter mij gaf de sterke Keller het nog niet op. Ik hield het maar nèt vol. Veel langer dan deze zes rondjes kon mijn hart niet op 200 toeren blijven draaien. De blijdschap die ik voelde toen ik over de streep kwam en het besef dat ik werkelijk een 8e plaats had weten te bemachtigen maakte mij dolblij.

De uitgebreide voorbereiding is het dik waard geweest. Ik kan vooral heel tevreden zijn op de samenwerking met mijn trainer en de begeleiding van mijn team. Bovenal ben ik megatrots op alles wat ik samen met mijn ouders doe om n
óg beter te worden. Dat geeft zo’n voldaan gevoel. Niets is fijner dan een papa en mama op de finishlijn te hebben staan die je opvangen met een knuffel en een kus.

Edelmetaal in Polen

Afgelopen weekend fietste ik me mijn benen uit mijn lijf tijdens de zo genoemde ‘Maja Race’. Deze wedstrijd wordt georganiseerd door Maja W┼éoszczowska. Een grote naam in Polen en een dame die ongelofelijk hard kan fietsen. Afgelopen zaterdag kwam ze een minuut eerder over de finishlijn dan ik! Iets waar ik me eigenlijk niet zo voor hoef te schamen want ze heeft al meerdere Olympische medailles op zak. Deze medailles zal ze echter niet op zak hebben gehad tijdens deze race want met hun gewicht van bijna een halve kilo per stuk zou Maja nooit zo snel de berg op hebben kunnen fietsen. Ze vloog!

Na een goede start fietste ik vlak achter Jolanda Neff en de U23 dame Marlena Drozdziok. Maja zat in mijn wiel en ik probeerde samen met haar de aansluiting naar de twee koploopsters te vinden. Het gaatje was niet groot maar veel dichterbij dan een seconde of drie tot vier kwam ik niet. De eerste twee ronden ging ik tot het gaatje en als ik op mijn trainingsmeter keek zag ik mijn hardslagen oplopen tot 195. Dat is eigenlijk wel een beetje aan de hoge kant maar wie niet waagt wie niet wint. Ik wilde naar de kop van de wedstrijd rijden! Na een tijdje had Maja het wel gezien en spurtte ze mij op een kort klimmetje voorbij. Helaas kon ik haar niet volgen en dus probeerde ik in een constant tempo door te blijven fietsen. Marlena kreeg het na haar sterke start een klein beetje moeilijk en zo wist ik beslag te leggen op plaats drie in de wedstrijd. Maja en Jolanda kregen door een goede samenwerking een wat ruimere voorsprong op mij. Het gat werd elke ronde en beetje groter en met nog anderhalve ronde te gaan was ik hen definitief uit het oog verloren. Gelukkig kon ik ondanks dat, mijn tempo vasthouden en tegelijkertijd nog een beetje genieten van het geweldige parcours en het uitzinnige publiek. De Polen zijn echt enthousiast voor het mountainbiken. Het leukste is dat ze iedereen aanmoedigen. Of je nu Nederlands, Zwitsers of Pools bent, of je nu 10 kilo aan Olympisch edelmetaal bezit of 0. Ze zorgen er wel voor dat je de berg op wordt geschreeuwd.

Uiteindelijk maakten de twee dames vooraan er een spectaculair gevecht van en sprintte Maja naar de overwinning. Met een minuut achterstand kwam ik met een glimlach op mijn gezicht over de finish. Ik ben erg tevreden over deze race en heb weer veel mooie ervaringen opgedaan. Hoeveel trainingsjaren zullen er voor mij nog te doen zijn voor die ene minuut richting de winst? Het zal niet zo even gepiept zijn maar ik ga er alles aan doen om stapje voor stapje dichter bij te komen. Te beginnen met een hoogte stage volgende week in Andorra.

JeleniaGora03-06-17(8)

Thrillers en sprookjes in de World Cup

Als een verhaaltje eindigt met ‘nog lang en gelukkig’, gaan de oogjes meestal vredig toe. En door mijn sprookje van gisteren ben ik vannacht ook vredig in slaap gevallen. Mijn verhaal begon eigenlijk als een Thriller in het plaatsje Albstadt in Duitsland.
170528_31426_by_Sigel_GER_Albstadt_XCO_WE_Tauber
De tweede World Cup stond voor de deur en na de goede wedstrijd van vorige week had ik veel vertrouwen. Bovendien mocht ik op de tweede startrij plaatsnemen. Toen het startschot werd afgevuurd begon het begin van mijn Thriller. Het voelde alsof alles me even tegen zat. Ik was erg moeizaam weg en de startronde was behoorlijk vlak. Ik mag dan wel uit het vlakste stukje Nederland komen maar dat wil nog niet zeggen dat ik geboren ben voor oer-Hollands stoempwerk. Vanaf mijn mooie elfde startpositie viel ik helemaal terug richting de top dertig. Halverwege de startronde versmalde het parcours naar een smal paadje met vele kiezelstenen. Feitelijk was er op dat twee meter brede pad maar een klein spoortje goed rijdbaar en daar wilde natuurlijk iedereen zitten. Ik fietste daar in ieder geval niet en moest tussen het gedrang afstappen. Als een gek begon ik te rennen, in de hoop niet nóg meer plaatsen te verliezen. Ik stapte weer op maar niet veel later gebeurde exact dit nog een keer. Na twee maal rennen zat ik niet op de positie die ik had gehoopt.

“Ach”, dacht ik, “de startronde is gedaan en ik ga nu gewoon beginnen aan een spetterende inhaalrace.” Maar de thriller had helaas nog een tweede hoofdstuk. De steile klimmen op de berg van Albstadt vielen me zwaar. Ik kwam er voor mijn gevoel niet overheen. Ik probeerde mijn benen aan te sturen: “Duwen, trekken, duwen en trekken aan de pedalen” maar mijn benen wilde niet luisteren.
Achter mij zaten veel rijdsters die betere benen hadden en angstig keek ik zo nu en dan over mijn schouder hoe snel ze dichter bij kwamen. Ik voelde me als een verdwaald meisje in het bos dat achtervolgd werd door boze monsters. Monsters die veel harder konden trappen dan ik. Zo viel ik terug tot de 22e plaats. En t
óen werd ik echt boos op mezelf. Ik moest en zou toch harder kunnen!

Halverwege de derde ronde waren de pagina’s in het Thriller verhaal ineens op en begon er een nieuw verhaal. Deze keer was het een sprookje. Uit het niets begonnen mijn benen weer te functioneren en had ik weer de spirit die ik van mezelf gewend was. Nu werd
ík het boze monster met het mes tussen mijn tanden, op jacht naar alle bange meisjes in het bos.

Het voordeel van het rijden in de Elite categorie, is dat de gaten tussen de rijdsters zelden heel groot zijn. Goede- of slechte benen hebben kan zo maar een plaats of 10 verschil maken. Ik fietste van groepje naar groepje en passeerde veel dames die in deze zware en warme omstandigheden in moeilijkheden raakten. Van de top 20 fietste ik naar de top 15 en kreeg zelfs nummer 10 in zicht. Op de allerlaatste klim zat ik in het wiel van nummer 11 en ik was er van overtuigd dat ik haar moest kunnen pakken. Met nog 500 meter te gaan maakte ik op het grasveld een strakke inhaal manoeuvre en wist de 11e positie in te nemen. Met de finish in zicht had ik wel door dat ik nog hard moest sprinten om de Amerikaanse Erin Huck achter me te houden. Ik had me misschien te vroeg rijk gerekend want ze had meer power over dan ik. Zo was het een gevecht tot de laatste meter en helaas verloor ik de 11e plaats op een Prinses Rapunzel haar. Dit was een klein minpuntje in het uiteindelijk toch goed aflopende sprookje. Met een 12e plaats kan ik gewoon zeer tevreden zijn. Ik heb mijn eerste twee World Cups hartstikke constant gereden en mooie resultaten laten zien.

Zo fietste ik nog lang en gelukkig tijdens mijn cooling-down in Albstadt.

World Cup Nove Mesto: knotsen

Hotsend en knotsend heb ik gisteren in Nove Mesto Na Morave mijn debuut bij de Elite Dames gemaakt. Het parcours hier in Tsjechië is bijzonder hobbelig. Met veel wortels en stenen ben je, zeker op een hardtail fiets, genoodzaakt je techniek op souplesse te houden. Heel soepel blijven rijden was erg moeilijk deze race maar over het algemeen kan ik toch wel stellen dat mijn debuut zeer soepeltjes verliep.
170520_21889_by_Weschta_CZE_NoveMesto_XCO_WE_Tauber
Al v
óór de start zat ik een beetje verdwaald om mij heen te kijken. In de startbox was het overvol. Mijn zenuwen ebden langzaam weg bij het horen van het vertrouwde zoemende geluid van de 79 paar banden op de rollerbanken tijdens de warming-up. Iedereen stoomde zich klaar voor de race. Toen we eenmaal aan de startlijn stonden bedacht ik me een belangrijk ding; Het is maar één maal de eerste keer. Ik ga gewoon heel erg genieten van deze nieuwe ervaring en ga stinkend mijn best doen. Met mijn linker voet in het pedaal geklikt en mijn rechter kuit gespannen om met mijn tenen aan de grond te komen, stond ik te wachten op het startschot.

Het startschot viel en met mijn 22e startpositie zat ik redelijk comfortabel in de eerste helft van de groep. De eerste meters waren niet fantastisch maar ik had ingecalculeerd dat er voldoende tijd was op de twee kilometer lange, brede startklim om rijdsters te passeren. Dit plan lukte en zo wist ik, tot mijn stomme verbazing, richting het einde van de twee kilometer een zesde positie te pakken. Ik dacht meteen; het gaat goed, de benen zijn nog niet verzuurd en ik heb het onder controle. Volgas! Ik had alle ruimte om de eerste technische delen van het parcours te rijden. Mijn volgas stand kon ik natuurlijk niet de gehele wedstrijd volhouden maar ik probeerde het gewoon zo lang mogelijk. In de tweede en derde ronde werd ik veel gepasseerd. Aangezien ik meestal op mijn “tweede leven” kan vertrouwen bleef ik maar gewoon rond gaan met die benen en dacht ik: “we zien wel wat er nog in het vat zit later deze race.” Ik passeerde de start-finishlijn elke ronde in een groepje. Nooit kwam ik deze wedstrijd alleen te zitten en dat was
één van de dingen waar ik van genoot. De hele race blijf je scherp om de meiden voor je niet los te laten of de meiden achter je te lossen. In de laatste twee ronden was ik met de Engelse Annie Last in gevecht voor een plaats binnen de top tien. Dat zou voor ons beiden een fantastische prestatie zijn dus waren we tot het uiterste gedreven. Elke klim kwam ik weer een paar seconden dichterbij. Aan het begin van een klim hoorde ik mijn vader telkens roepen: “15 seconden naar Annie toe, dat kan je halen!” Na de klim klonk het nog hoopgevender: 10 seconden was het verschil nog maar. Helaas was de Engelse beter dan ik op de uitdagende ‘rock garden’ en miste ik uiteindelijk op 14 seconden de top tien. Met een elfde plaats op deze moeilijke maar o-zo mooie wedstrijd ben ik heel erg blij!

Inmiddels zit ik met mijn beentjes omhoog mijn wedstrijd terug te kijken op redbull.tv. Je kan het niet zien op de beelden, maar ik heb toch echt zitten genieten op mijn fiets. Het schreeuwende publiek, het gevecht met elke klim en alle wortels en stenen die mij anderhalf uur lieten hotsen en knotsen. Het was een mooi debuut!